Maandelijkse Tips

Het tuinleven begint al weer een beetje

De meeste mensen zullen over een paar maanden jonge plantjes kopen, maar als je het leuk vindt om je eigen geraniums (Pelargonium) op te kweken, kun je die nu in bakken zaaien. Zaai ze in zaaibakjes onder een doorzichtig deksel of in potten die je met doorzichtige plastic zakken afdekt. Zet ze lekker warm op de vensterbank in de kamer of op een andere warme, lichte plek. De zaaigrond wel vochtig houden natuurlijk. Je moet ze na opkomst een keer verspenen (in aparte potjes overplanten). Na half mei kunnen ze naar buiten. Er is zaad te koop van allerlei mooie sterke F1-hybriden.

Nestkastjes ophangen
Hier en daar gaan er al weer zangvogels op zoek naar een geschikte nestgelegenheid. Het is dus tijd om de oude nestkastjes schoon te maken voor nieuw gebruik en eventueel nieuwe op te hangen. De opening gericht op het oosten schijnt het meest ideaal te zijn. Hang ze zo op dat katten er niet bij kunnen.
Winterdek weghalen
'Losdekken' noemen kwekers dat. Bij alle planten waar je op de een of andere manier een beschermlaag had aangebracht, kun je die nu weghalen. Dat geldt vooral voor vaste planten als anemonen, Yucca's, vuurpijlen en al die andere soorten die niet zo best kou verdragen. Als zo'n winterdek blijft liggen, krijgen de planten het eronder te warm, waardoor ze te vroeg tot ontwikkeling komen en kunnen bevriezen. Ook boven bloembollen (lelies bijvoorbeeld) moet je de turfmolmlaag die je misschien had aangebracht, weghalen. Anders vormen de bollen veel te gerekte bloeischeuten (neuzen). Houd wel een stuk tuinvlies - zo'n lichte kunststof doek - bij de hand om de platen snel af te kunnen dekken als het onverhoopt toch weer even gaat vriezen. Je weet het maar nooit. Noppenfolie is daar trouwens ook heel goed voor. top
Nog steeds: onkruid wegschoffelen
Het onkruid blijft opkomen. Onbeplante stukken grond zijn snel bedekt met ongewenst groen, vooral als er op zo'n plek gespit is. Dan komt al het zaad uit de ondergrond 'aan het licht', ziet - misschien na jaren wachten - kans om te kiemen en doet dat ook onmiddellijk. In de natuur moet je iedere kans grijpen die je krijgt! Dan wied je je wezenloos, want het gaat maar door. Schoffelen is dan veel makkelijker als het om wat grotere oppervlakken gaat. Een schoffel duw je voor je uit. Het is eigenlijk een dwars aan een steel geplaatst mes en je snijdt er net onder het grondoppervlak de jonge stengels van de onkruidplantjes mee door. Een schoffel moet dus altijd scherp zijn. Daarom moet je er in de buurt van planten extra voorzichtig mee zijn, want die beschadig je er ook mee als je niet uitkijkt. Het afgeschoffelde groen kun je gewoon laten liggen. Dat verdroogt heel snel en is al gauw verdwenen. Schoffelen heeft nog een voordeel. Het losgeschoffelde laagje grond verdroogt ook snel, maar de grond eronder blijft daardoor juist langer vochtig. Hoef je minder te gieten!
Vaste planten opbinden
Veel vaste planten groeien hard door. Ze worden al lekker hoger. Het is verstandig - zeker op winderige plaatsen - de lange stengels van de hoge soorten te steunen. Doe dat met in hoogte verstelbare plantensteunen, met zogenaamd rijshout (takken met korte zijtakken waar de stengels steun van krijgen) of bamboestokken. De stokken moet je een beetje schuin in de groeirichting achter de planten in de grond steken. Bind de stengels er daarna losjes per stengel aan vast. Zo blijft de plantvorm veel natuurlijker. Als je de bamboestokken ook nog wat groen beitst zie je er bijna niets meer van. Dit systeem werkt veel mooier dan die stijve, bij elkaar gebonden stengelbossen die je zo vaak ziet.
Niet vergeten
Je gevecht met de onkruiden gaat gewoon door. De natuur geeft nooit op, maar als jij dat ook niet doet, gaat het wel goed met je tuin. Wat dat betreft een tip: maak een onbeplant stukje grond helemaal onkruidvrij en breng daar dan een laagje potgrond op aan. Een paar centimeter dik is genoeg. In potgrond zit geen kiemkrachtig onkruidzaad en het onkruidzaad uit de ondergrond zal onder die laag nauwelijks meer kiemen omdat er geen licht bijkomt. Dat spaart dus een hoop werk en zo'n mulchlaag is nog goed voor je grond ook.
Rozen mesten
Als je rozen hebt, dan staan die nu in volle bloei. Dat kost ze veel energie. Het is daarom goed een handje rozenmest bij de planten te strooien. Je kunt de doorbloei trouwens behoorlijk stimuleren door de uitgebloeide bloemen regelmatig te verwijderen. Daarmee ontneem je de roos de kans om zaad te vormen. Daar gaat het hem om, dat blijft hij dus proberen en dus bloeit hij zo lang mogelijk door. Je moet natuurlijk geen uitgebloeide bloemen wegnemen bij soorten waarvan je later bottels aan de struiken wilt hebben.
Terug van vakantie
Zeker in de tweede helft van augustus zit de vakantie er voor de meesten van ons weer op. Als er door anderen een beetje voor de tuin is gezorgd, kan het er nog redelijk uitzien. Meestal is de tuin echter aan zijn lot overgelaten en zal er meteen na thuiskomt gemaaid, gewied en gesnoeid moeten worden om alles weer wat op orde te krijgen. Maai veel te lang geworden gras niet meteen helemaal kort. Dan kan het verbranden bij zonnig weer. Stel de maaier de eerste keer bijv. op 4 cm af en maai het na vier of vijf dagen nog eens op de juiste lengte. Het gras krijgt dan de kans even te wennen en zich aan te passen. Werk ook de graskanten bij. Zorg dat er geen gras de borders in groeit. Overal zal onkruid staan. Haal dat weg. Knip uitgebloeide bloemen weg en kort verkeerd groeiende takken in - bijvoorbeeld takken die veel te ver over een pad zijn heen gegroeid en waar je last van hebt. Als de tuin erg droog is, zul je in eerste instantie moeten sproeien. Soms is er ook veel rommel de tuin ingewaaid, vooral in voortuinen moet er vaak flink worden geschoond.
Stoppen met planten voeren
Alle tuinplanten (ook het gras) moeten zich zo langzamerhand gaan voorbereiden op de komende winter. De nu nog sappige scheuten en twijgen moeten uitrijpen om straks minder makkelijk te bevriezen. Voor die omschakeling is tijd nodig en die gaat nu in. Het punt is dat de meeste meststoffen stikstof bevatten en dat jaagt de groei juist op. Dat dus niet meer geven. Speciale meststoffen (OSMO NAJAARSMEST) zonder stikstof kunnen nog wel. Zulke speciale herfstmest is er bijv. voor het gazon. Geef ook de kuipplanten geen voeding meer en geef ze in ieder geval minder water. Tegen het eind van de maand moeten de meest vorstgevoelige soorten op hun overwinteringplek worden gezet. Maar wacht daarmee tot de eerste nachtvorst is aangekondigd. Kuipplanten worden nl. vaak veel te vroeg binnen gezet.
Klimop snoeien
De klimop heeft lange ranken gemaakt en lang niet alles heeft zich al vastgehecht aan de muur of schutting. Haal weg wat te veel is, want anders kan de plant gemakkelijk loswaaien en zo hou je hem ook in toom. Laat hem in ieder geval niet over schilderwerk groeien. Die hechtvoetjes krijg je daar heel lastig af.
Ook deze maand: herfstblad regelmatig van het gazon halen
Hark afgevallen blad regelmatig van de grasmat (met een draad- of bladhark met van die verende tanden). Het gras kan eronder verstikken als het blad er te lang op blijft liggen. Dan grijpen ook schimmels en ziektes hun kans. Slecht voor je grasveld! Verzamel het blad in plastic vuilniszakken. Bind die dicht als ze goed vol zijn en zet ze ergens neer waar je ze een jaartje kunt vergeten. Het blad composteert in de zakken. Na dat jaar heb je de mooiste bladaarde die je je maar kunt denken.
Dahlia's en andere opgeslagen knollen en bollen controleren
De opgeslagen dahlia's, gladiolen, begoniaknollen e.d. liggen vaak te vochtig en krijgen dan last van schimmels. Meestal het eerst aan de stengeleindjes die er nog aanzitten. Kort die nu in, ze zijn al afgestorven. Leg de knollen of bollen een paar dagen wat droger en strooi er fijn houtskoolpoeder op (kun je van houtskool voor de barbecue maken, dat heb je misschien nog staan).
Vissen voederen
Als het water kouder is, worden de vissen trager. Ze houden zich in de diepste gedeelten van de vijver op en alle levensprocessen functioneren op een lager niveau. Bevinden de vissen zich hoog in het water, dient u alert te zijn op een tekort aan zuurstof. Installeer dan een luchtpomp of schakel de vijverpomp in. Bij watertemperaturen van 5 °C of meer mag u nog spaarzaam met wintervoer bijvoeren.
Hortensia's
Er wordt vaak aangeraden om uitgebloeide kamerhortensia's flink terug te snoeien, buiten in de tuin te planten en ze verder als tuinplanten te behandelen. Toch raad ik dat niet aan. De rassen die als kamerplanten worden gekweekt, zijn wat zwakker dan de echte tuincultivars. Vandaar.
Het tuinleven begint al weer een beetje
Als er al vroege tulpen bij je opkomen ­ bij zacht weer kan dat gemakkelijk ­ is het verstandig om een laagje turfstrooisel tussen en rond die planten te strooien. Ze zijn namelijk vrij gevoelig voor vorst en zon. Als je je bolgewasjes al eerder een dikke deken hebt gegeven, is dat niet nodig. Loop nog zo min mogelijk over het grasveld. De ondergrond kan nog bevroren zijn. De dunne laag daarboven kan door het belopen gemakkelijk verschoven worden en los raken. Hoe fijner het gras, des te voorzichtiger je moet zijn. Als er slechte plekken in het grasveld zitten, kun je die beter nu nog niet herstellen, maar er nog even mee wachten tot maart. In veel tuinboeken staat dat je dat nu al kunt doen, maar we hebben de laatste jaren vaak een vrij lang koud blijvend voorjaar. Dan kun je beter op zeker spelen.
Het verplanten van bomen

Het valt niet mee om opeens op een heel andere plek te moeten staan, in heel andere grond, onder heel andere omstandigheden. Bovendien hebben de wortels van het verplanten te lijden en moeten ze vooral snel kunnen hergroeien. Daar kun je ze bij helpen. Veel mensen hebben er een hekel aan als de klimop in de zomer zijn oude blad laat vallen. Dat gebeurt onherroepelijk als je dat nu niet voorkomt. Je kunt het oude blad er nu al af knippen. Door klimop te knippen blijft het ook mooier compact tegen de muur of schutting zitten.

In pot of met kale wortels.

Tegenwoordig worden heel veel bomen in pot gekweekt. Dat is prima, maar als een boompje vrij lang in een pot staat groeien de wortels gewoon door en gaan zich spiraalsgewijs langs de binnenkant van de pot opwinden. Dan ontstaat een soort wortelbal die na het uitplanten in de volle grond heel moeilijk naar buiten toe uitgroeit. De wortels kunnen dan ook minder goed water en voedsel zoeken en de boom krijgt het moeilijk. Als je de kluit van een boom uit zijn pot haalt, moet je de buitenste wortellaag dan ook altijd wat losmaken voor je hem inplant. Dat helpt. Bij bomen die met kale wortels (zonder kluit grond eromheen) worden geleverd heb je dat probleem niet. Die moet je alleen zo snel mogelijk inplanten, want de wortels drogen heel snel uit. Wat je van de wortels ziet, is eigenlijk alleen het hoofdwortelstelsel. Wat je niet ziet, zijn heel fijne haarworteltjes die daaruit groeien en die het eigenlijke werk doen. Die nemen water en het in water opgeloste voedsel op. Bij het oprooien en planten breekt het overgrote deel van die fijne worteltjes af. De boom moet die na het inplanten dus eerst weer aanmaken (geldt voor een deel ook voor bomen uit potten) om uberhaupt te kunnen 'eten'.

Hoe je moet planten

De bedoeling is dus dat de boom weer zo snel mogelijk op zoek kan gaan naar voedsel in zijn nieuwe omgeving. Daarvoor is een ruim plantgat nodig en grond waar de wortels in kunnen doordringen. Als je in lichte grond (zandgrond) plant is het goed dat wat te verbeteren door organisch materiaal (potgrond voor beplanting) door de uitgegraven grond te mengen. Maar overdrijf het niet. Door zware kleigrond kun je fijn grind of grof zand mengen. Dat bevordert de drainage. Plant de boom net zo diep als hij in z'n pot of op ons tuincentrum stond. Dat kun je zien aan de verkleuring op de stam. Wat onder de grond zat is bruinig, wat boven de grond zat groenig. Spreid de wortels van bomen met kale wortels goed uit, zorg dat de worteleinden plat liggen (ze moeten liever niet langs de wanden omhoog staan. Dat remt de uitgroei.) Let erop dat bij het vullen van het gat de grond goed tussen de wortels terecht komt. Het helpt als je bij het opvullen de boom iets laat 'trillen' (even iets op en neer schudden). Trap de grond daarna stevig aan en geef flink water. De grond in het plantgat mag kletsnat worden. Bomen met kale wortels kun je het beste tussen november en maart planten. Bomen die in pot zijn gekweekt kun je in principe het hele jaar door planten. Plant nooit als het vriest, als de grond (nog) bevroren is, als de grond kletsnat is of juist erg droog.

Als je een boompaal zet

Vroeger werden bomen vaak erg zwaar aangebonden. Een nadeel daarvan is dat een boom op zijn paal gaat 'leunen' en zich te weinig met zijn wortels in de grond verankert. Als je dan later de boompaal weghaalt, kan de boom bij een flinke storm gemakkelijker omwaaien dan een boom die zich wel stevig aan de grond vasthoudt. Maar op een winderige plek is het altijd aan te raden bij een jonge boom een boompaal te zetten. Die moet je niet in de bodem van het plantgat slaan als de boom daar al staat. Dan beschadig je de wortels. Dus eerst het gat graven, dan sla de boompaal in de bodem en daarna zet je de boompaal erbij. Spreid de boomwortels er omheen uit. Gebruik een paal van onbehandeld hout of één die onder hoge druk is geïmpregneerd en waar dus geen impregneermiddel kan uitspoelen. Dat is puur vergif voor planten, dus je begrijpt wat dat met de wortels kan doen. Als je een boom uit een pot plant, moet je de paal schuin inslaan (onder een hoek van 45 graden), zodat de kluit er makkelijk naast in het gat past, maar de boom wel makkelijk aan de paal kan worden gebonden. Vroeger gebeurde dat aanbinden vrij hoog aan de stam. Tegenwoordig is er een voorkeur om dat een stuk lager te doen, zodat de kroon van de boom meer kan bewegen. Dat bevordert de wortelverankering waar ik het net over had. De boom moet dus eigenlijk iets bewegingsvrijheid hebben. Bind aan met boombinder (in 8-vorm om stam en paal heen).

Onkruidvrij houden en water geven

Nogmaals: de wortels moeten zich zo snel en goed mogelijk kunnen ontwikkelen. Daarvoor is het heel belangrijk dat ze over voldoende water kunnen beschikken. Blijf de boom het eerste seizoen na het inplanten regelmatig water geven. Het is heel makkelijk als je daarvoor een oud plantenpotje boven de wortels in graaft, waar je als in een trechter water in kunt gieten dat dan vanzelf naar de wortels sijpelt. Ook heel belangrijk is dat de boom zolang hij jong is geen last van onkruidgroei bij zijn wortels heeft. Houd een ruime cirkel grond (een zogenaamde boomspiegel) rond de stam vrij van onkruid door het eerst goed te wieden en daarna de grond af te dekken met een mulchlaag. Als je mijn aanwijzingen opvolgt lukt het wel met je boom.

Voorkom vroegtijdige algengroei

Eind april moet de filter en de pomp weer opgestart worden. Beslis zelf of u ervoor kiest de UV lampook aan te zetten. Niet alleen de planten beginnen goed te groeien, ook algengroei kan nu een probleem vormen. Een sterke draadalgengroei verhindert de groei van zuurstofplanten.

Een kuur met All Clear, of eventueel het installeren van een I-Tronic is aan te bevelen om deze lastige algen onder controle te houden.

Dahlia's planten
Het assortiment en het aantal bloemvormen en plantgrootten is bij dahlia's enorm. De planten komen weer helemaal in de mode, zeker lang doorbloeiende lagere rassen als bijvoorbeeld de Mignon-dahlia's. Het is nu de tijd om daarvan de knollen in de grond te zetten. Je zult er tot in de herfst bloeiplezier aan beleven. Als je stekplanten koopt, kun je die in de tweede helft van de maand in de grond zetten. Dahlia's zijn ook erg goede snijbloemen.
Vallen uw planten soms ook omver?
Plantensteunen zijn onmisbaar in de tuin. Na een regenbui of windvlaag kunnen planten omvallen. Met een goede plantensteun geeft u uw planten een steuntje in de rug. Voor een mooie tuin met sterke vaste planten zijn plantensteunen een echte must.
Tijm in augustus voor het laatst plukken
Je moet zorgen dat de nieuwe scheuten goed afgerijpt de winter in gaan. Dat betekent dat je deze maand voor het laatst takjes kunt oogsten. Snijd ze 8 cm boven de grond af. Maak er bosjes van en laat die omgekeerd op een luchtige, beschaduwde plek drogen. Bewaar ze daarna in goed sluitende bussen of potten, dan blijft het aroma enorm lang behouden.
Nog steeds gras maaien
Het gras groeit nog volop door, dus je zult moeten blijven maaien. Voer het maaisel wel af. Het verteert nu minder goed en de kans dat het door het vele vocht gaat liggen schimmelen, is groot. Afgemaaid gras kan gewoon in de compostbak.
Zogenaamd 'bijgoed' planten

Tulpen, narcissen en hyacinten ken je, net als blauwe druifjes en krokussen. Maar er zijn veel meer bol- en knolgewasjes die erg leuk staan in de tuin. Die hele groep van tamelijk onbekende soortjes wordt 'bijgoed' genoemd, de kwekers telen ze er zo'n beetje bij. Maar er zitten prachtige tussen: sneeuwklokjes, kleine irissen, winterakonieten, lenteklokjes, sneeuwroem en echte botanische krokusjes. Je kunt ze nu allemaal kopen en planten. Vooral de klokjes en akonieten zijn ideaal voor verwildering. Eenmaal geplant heb je er geen omkijken meer naar. Ze vermeerderen zich ieder jaar vanzelf. Plant groepjes van zo'n 20 à 30 stuks, 3 cm uit elkaar en ca. 5 cm diep. De mini-irisjes plant je ook zo, sneeuwroem met zijn prachtige blauwe bloempjes moet je op 5 cm uit elkaar planten.

En als je gek bent op krokussen, moet je de botanische (nog bijna wilde) soorten eens proberen. Die hebben iets minder grote bloemen dan de gewone tuinkrokussen, maar ze zijn veel verfijnder. Crocus chrysanthus bijv. heb je met witte, crème, gele en heel lichtblauwe bloemen. Plant deze op 8 cm uit elkaar en 6 cm diep. Ook deze kun je gewoon laten verwilderen. Dat betekent: eenmaal geplant, gaan ze gewoon hun eigen gang. Je hoeft de bolletjes of knolletjes niet uit de grond te halen als ze zijn uitgebloeid, zoals dat bij tulpen moet.

Uw vijver in november

Onderhouds adviezen
Het najaar is de tijd om uw vijver eens flink onder handen te nemen. Verwijder alle afgestorven planten, takjes en bladeren. Hiermee voorkomt u problemen in de winter en bevordert een goede ontwikkeling in het voorjaar.

Planten

Eind november is het blad van de bomen gevallen, en zonder net waait er heel wat van in de vijver. Dit organische materiaal kan het vijvermilieu verzuren en zorgt in het voorjaar voor een algenexplosie, wat de plantengroei belemmert. Verwijder deze maand de laatste afgestorven bladeren van de waterplanten en snoei de moerasplanten terug. Als het afdeknet nog niet is aangebracht, wordt het nu de hoogste tijd.

Water
Test het water voor de winter nog een keer op de totale GH hardheid.  Zorg ervoor dat deze hardheid tenminste 8°DH is. Verhogen kunt u deze  hardheid met GH Plus. In het najaar wordt het vijveroppervlak vaak vuil en troebel door bladeren, takjes en stof. Dit organische materiaal bevat voedingsstoffen voor algen. De Pond Skimmer is een drijvende oppervlakte afzuiger die de vijver helder houdt.

Vissen
Het gebruik van een goede luchtpomp in de wintermaanden heeft voor de  vissen een aantal voordelen. Kwalijke gassen, waaronder CO2, kunnen aan de oppervlakte ontwijken, het water wordt van zuurstof voorzien  en tijdens een vorstperiode blijft de vijver plaatselijk open. U mag eventueel  nog met kleine hoeveelheden wintervoer bijvoeren.

 

Pas op met gladheid
Als het met de feestdagen opeens gaat ijzelen wilt u natuurlijk niet dat uw bezoek uitglijdt. Haal daarom nu vast een zakje strooizout in huis.
10 winterstappen voor de vijver
  • Test de waterwaardes. Hiervoor hebben we verschillende tests in ons assortiment.
  • Corrigeer zo nodig de waterwaardes zodat uw vijver gezond de winter ingaat.
  • Verwijder al het vuil uit de vijver. Gebruik hiervoor een schepnet.
  • Dek de vijver af met een vijvernet om invallend blad tegen te gaan.
  • Maak pomp en filter goed schoon. Let op de gebruiksaanwijzing op de apparaten.
  • Zet op het juiste moment pomp en filter uit.
  • Plaats een vijverbeluchtingset. Zo blijft het zuurstofgehalte van de vijver goed op pijl.
  • Gebruik speciaal wintervoer voor de vissen.
  • Zorg ervoor dat de vijver niet dichtvriest. Dit kan bijvoorbeeld door het plaatsen van ijsvrijhouder.
  • Voorkom dat een reiger uw vissen opeet. Er zitten speciale artikelen in ons assortiment die reigers afschrikken.
Tuinafval composteren

Een composthoop maken doe je zo: maak een composthoop nooit groter dan 1,5 x 1,5 m en niet hoger dan 1 m. Er moet namelijk voldoende lucht door de hoop blijven circuleren.

Zo bouw je hem op:

  • eerst een laag ruig materiaal uit de tuin
  • strooi dan kalk of compostmaker, zodat het goed gaat broeien
  • laagje grond erover
  • 2e laag ruig materiaal
  • etc.

Wat niet op de composthoop mag:

  • aardappelschillen (zijn met kiemremmers behandeld)
  • snijbloemen (ook vanwege chemische toevoegingen)
  • gekookte etensresten (trekt ongedierte aan)

Nu snoeien (of juist niet):
Nu niet snoeien:

  • Ceanothus
  • Hortensia
  • Rozen (alle zomerbloeiende rozen snoei je pas na 1 maart)

Nu wel snoeien:

  • Berk
  • Esdoorn
  • Walnoot
  • Druif

Snoei je deze soorten pas na half januari dan kunnen ze geweldig gaan 'bloeden' en zelfs doodbloeden.

Laatste maal gras maaien
Het gras groeit nu al veel minder, onder de 6 °C helemaal niet meer. Het moet goed verzorgd de winter in. Maai het nog eens netjes, maar niet te kort (siergazon 3 cm, speelgazon 4 cm). Hark alle rommel en het afgemaaide gras uit de grasmat en haal al het onkruid dat je tegenkomt weg. Geef najaarsmest voor het gazon, een speciaal mengsel waar geen stikstof inzit. Als je dan ook de randen nog even bijwerkt, is jouw gazon klaar voor de winter!
Winterslaapplaats voor egels
Verzamel vanaf nu bladeren en takken op een rustige plek in de tuin. Maak er een hoop van. Zo'n bult is een ideale overwinteringplek voor allerlei dieren: egels, kikkers, padden, hazelwormen en ook tal van insecten brengen graag op zo'n plek de winter door. Overhangende takken kun je nu zonder problemen afknippen. Ook (te lange scheuten van) klimplanten kunnen worden gefatsoeneerd.
Wanneer zijn appels en peren plukrijp?
Als er vruchten van de boom af beginnen te vallen, is dat het teken dat de oogst begint. Plukrijpe appels en peren laten los als je ze een beetje optilt. Er is in het steeltje namelijk een kurklaagje gevormd. Op die plek breekt het steeltje van een rijpe vrucht heel gemakkelijk door. Zorg dat je de vruchten zo min mogelijk beschadigt. Op beurse of ingeknepen plekken gaan ze gauw rotten.
Ga je op vakantie?
Dan kan het handig zijn de kuipplanten die in terracotta potten staan met pot en al in de grond van je tuin in te graven. Zo drogen ze veel minder snel uit en hebben de buren minder werk aan jouw planten. Maai het gazon niet te kort voor je weggaat. Kort gras verbrandt en verdroogt eerder en als er dan niemand is om te sproeien weet je het wel.
Uitgebloeide bolgewassen
Om de bollen maximaal sterk te laten doorgroeien, kun je het beste de bloemen verwijderen. Tulpen en narcissen kun je 'koppen' (de bloemen er afsnijden), bij hyacinten worden de bloeiresten van de stengels gestroopt. Laat de planten staan waar ze staan tot het blad helemaal is vergeeld (dat duurt nog even) als je de bollen wilt bewaren. Pas als het blad helemaal geel is, kun je de bollen oprooien en droog tot het najaar bewaren.
Zelf zomerbloemen zaaien

Eind april kun je al heel wat zomerbloemen direct in de tuin zaaien. Ik noem er een paar: korenbloemen, zonnebloemen, Clarkia, Godetia, slaapmutsjes, papavers, goudsbloemen, gipskruid en eenjarige riddersporen. Er zijn er nog veel meer, maar dat ontdek je vanzelf als je even de teksten op de zaadzakjes in ons tuincentrum leest. Maak een leuke keuze en kweek bedden en bakken vol zomerkleur. Vergeet ook je 'hanging baskets' niet. Gewoon de zaaiaanwijzingen op de zakjes volgen en alles gaat vanzelf goed!

Maak het maar weer mooi in je tuin of op je balkon. Daar heb je zelf het meeste plezier van.

Vaste planten delen
Als je hebt gemerkt dat bij polvormende vaste planten het hart dood is, kun je zulke planten verjongen door ze te delen. Spit ze met wortel en al uit de grond, trek of snij de jonge randdelen los en gooi het oude hart weg. Plant de jonge randdelen weer als aparte planten in. Net zo diep als ze eerst ook stonden. Wel eerst de grond op de plantplek goed mesten en losmaken. Geef na het inplanten flink water.
Ook klimop snoeien
Veel mensen hebben er een hekel aan als de klimop in de zomer zijn oude blad laat vallen. Dat gebeurt onherroepelijk als je dat nu niet voorkomt. Je kunt het oude blad er nu al af knippen. Door klimop te knippen blijft het ook mooier compact tegen de muur of schutting zitten.
Wat je deze maand verder nog kunt doen
Deze maand moet je vooral genieten. Genieten van allerlei planten die mooi groen zijn, nog bessen dragen (veel Berberis -soorten bijvoorbeeld en Skimmia) of zelfs bloeien, zoals de winterbloeiende Prunus, Viburnum of Helleborus . Ook de winterviolen en winterheide geven prachtig kleur aan je tuin of in de bakken op je balkon. Heb je die planten niet? Noteer ze dan vast voor aanschaf in het najaar. Dan wordt je volgende winter nog mooier dan deze! Neem trouwens nu de tijd om rustig allerlei zaadcatalogi door te kijken en een lijstje te maken van allerlei soorten die je wilt kopen om over enkele maanden te zaaien. Als je een moestuintje hebt, kun je nu ook mooi de indeling voor het al snel komende nieuwe groeiseizoen uitkienen. Mocht je rigoureuze plannen voor verandering van de tuin hebben, dan kun je die nu op je gemak uitwerken. Ook de hoveniers hebben het in de winter wat rustiger. Mocht je zo'n vakman (of -vrouw) bij je plannen willen betrekken, neem dan nu contact op.
Lathyrus plukken
Hoe meer lathyrus je plukt voor op de vaas, des te beter zullen de planten doorbloeien. Haal ook uitgebloeide bloemen regelmatig weg. Pluk de bloemen alleen bij droog weer. Pluk je ze nat, dan smetten ze gauw. Zet de stelen nooit diep in het water, daar heeft lathyrus een hekel aan. Een ondiepe vaas is veel beter.
Goudenregen
Na de prachtige bloei vormt een goudenregen zaadpeultjes. Die zijn erg giftig en ze lijken op sperzieboontjes. Als er kinderen bij de peulen kunnen komen, kun je ze voor alle veiligheid beter uit de boom halen.
Uw vijver in januari

Adviezen
Als het vriest moeten alle filters zoveel mogelijk worden beschermd  tegen de koude. Wees in dit jaargetijde bij uw vissen extra alert op ziekteverschijnselen en grijp zonodig snel in.

Waterplanten
In deze wintermaand heeft de vijver niet veel aandacht nodig. Indien het  oppervlak dreigt te bevriezen is het verstandig alsnog een luchtpomp te  installeren. Daarmee gaat u bevriezing tegen en blijft het water  zuurstofrijk. Om verzuring van het bodemmateriaal te voorkomen, kunt u  alsnog een hoeveelheid Bio-Oxydator uitstrooien.

Water
Een fout die mensen soms maken zijn werkzaamheden aan de vijver of in de nabije omgeving. Bedenk dat uw vissen een soort van winterslaap houden en met rust moeten gelaten worden. Storende zaken doen hen geen deugd. Laat de vijver en de tuin voor wat het is tijdens de winter. Het water is een goede geleider, ook van geluid. Werken in de nabijheid van de vijver veroorzaken trillingen.

Vissen
Als het water kouder is, worden de vissen trager. Ze houden  zich in de diepste gedeelten van de vijver op en alle levensprocessen  functioneren op een lager niveau. Bevinden de vissen zich  hoog in  het water, dient u alert te zijn op een tekort aan zuurstof. Installeer  dan een luchtpomp of schakel de vijverpomp in. Bij watertemperaturen van 5°C of meer mag u nog spaarzaam met Winter Fish Food  bijvoeren.

Klimplanten snoeien
Een aantal klim- en leiheesters kan nu goed worden gesnoeid. Over het algemeen moet je dat niet overdrijven, dus snoei alleen wat nodig is. Bij de winterjasmijn kun je nu goed zien welke takken wat uitgebloeid raken. Die kun je nu tot op een jonge scheut terugsnoeien. Ook de kamperfoelie kan wat worden uitgedund. Knip bij Clematis montana nu alle dode en loshangende takken weg. De lange scheuten van blauwe regen die vorig jaar zijn gegroeid, kunnen ook flink worden ingekort. Ook lei- of klimrozen kun je snoeien. Klimrozen maken elk jaar kale, lange takken. Die scheuten bloeien nog nauwelijks. Maar het jaar erop vormen die lange scheuten korte zijtakjes en die gaan wel rijk bloeien. Na een aantal jaren is zo'n tak verouderd en gaat minder bloeien. Van zulke oude, afgedragen takken kun je er nu een paar diep wegsnoeien, natuurlijk alleen als er voldoende mooie sterke, jonge vervangers zijn. Bind alle takken netjes aan en geef je rozen meteen een flinke portie speciale rozenmest. Dan zullen ze weer prima bloeien.
Een goede basisbemesting

De planten gaan weer volop aan de groei en hebben juist nu grote behoefte aan voedingsstoffen. Geef je hele tuin en goede basisbemesting. Dan kunnen ze er weer even tegen. Organische mest is nu het meest belangrijk, omdat dat langer en meer gedoseerd voedingsstoffen afgeeft. Geef je planten bijvoorbeeld beendermeel (je hoeft niet bang te zijn voor ziekten, het is gesteriliseerd), bloedmeel, gedroogde koemestkorrels, voedselrijke compost of iets dergelijks. Geef het zowel aan je bomen, heesters als vaste planten. Vergeet ook de haag niet. Strooi ook daaronder mest uit. Strooi niet tegelijk kalk en meststoffen. Die reageren met elkaar waardoor de voedende stikstof verdwijnt. Zeewierkalk kan weer wel, dat is organische kalk die anders uitwerkt.

Gras maaien

Vanaf nu weer iedere week gras maaien (als je een gazon hebt) Maai siergazon op 2 à 3cm hoogte, speelgras op 3 à 4cm. Dan blijft het goed groeien. Als je korter maait, heb je kans dat je de centrale groeispruiten in de grasplanten beschadigt en moet het gras helemaal vanuit de wortels opnieuw uitlopen. Dat kost erg veel groeienergie en het verzwakt je mooie grasmat. Maai in banen en liefst dwars op de richting waarin je de vorige keer hebt gemaaid. Dat geeft het meest egale effect. Tenzij je die fraaie Engelse banen wilt maken natuurlijk! Vang het maaisel zoveel mogelijk op of veeg het weg en voer het af. Het veroorzaakt al gauw een afdichtende viltlaag tussen de grasplanten als je het laat liggen.

TIP:Een nieuw gazon inzaaien kan nu ook prima!

Vergeet de vijver niet!
Het is nu de tijd om nieuwe planten in de vijver te zetten en niet-winterharde soorten als waterhyacint (Eichhornia) en mosselplantjes (Pistia) in de vijver te brengen. Als je de in de winter afgestorven resten van de al staande planten nog niet hebt opgeruimd, kun je dat nu ook nog doen. Zet waterlelies in een eigen plantmand of plantnet op de bodem. Plant ze in goede zware vijvergrond en geef ze een lang werkende speciale groeibollen voor vijverplanten in de grond mee.
Blijf wieden en bij langdurig droog weer goed sproeien
Goed sproeien betekent: niet zo'n miezerig beetje water geven, maar zorgen dat de grond kletsnat is. Het water moet tot bij de wortels van de planten in de grond dringen.
Pioenen verplanten
Pioenrozen zijn planten die graag jarenlang op dezelfde plek blijven staan. Laat ze daarom liefst zo lang mogelijk met rust. Moet je ze toch verplanten, dan kan dat deze maand het beste gebeuren. Plant ze vooral niet te diep. Als dat gebeurt willen ze niet meer bloeien. Zet ze op een plek in de volle zon. Zorg dat er niet meer dan 5 cm grond boven de wortels komt.
Prima tijd om groenblijvende heesters en coniferen te planten
Plant je ze nu, dan hebben ze nog alle tijd om goed aan te slaan voor de winter komt. Maak altijd een ruim plantgat en plant je nieuwe aanwinsten even diep als ze in de pot of op de kwekerij stonden. Dat is te zien aan de verkleuring op de stam of takken die uit de grond komen. Wat onder de grond zat is bruin, erboven is het wat groenig.
Hark het blad van het gazon
Minstens eenmaal per week zul je afgevallen blad van het gras weg moeten harken (met een draadhark). Als je het laat liggen, kan het gras eronder gaan rotten.
Afgevallen blad van fruitbomen en struiken opruimen
Aan dit blad zitten heel vaak ziektekiemen. Je wilt niet weten wat er allemaal voor ellende uit voort kan komen. Ruim het op en voer het af via de GFT-container. Laat ook afgevallen, soms al wat beurse vruchten liever niet liggen. Maak er moes of sap van.
Gereedschap goed opbergen

Maak alle gereedschappen goed schoon, schuur metalen delen zonodig en vet ze in. Roest is met een staalborstel te verwijderen. Laat alles wat scherp moet zijn slijpen: snoeimessen, heggenscharen, de messen van een messenkooimaaier, je bijl enzovoort. Bewaar het gereedschap op een normaal droge, onverwarmde plek. Dan drogen houten delen niet uit en loop je minder kans dat volgend jaar je hark- of schopsteel plotseling breekt met als gevolg extra kosten.

De kerstrozen kunnen al bloeien!
De mooie witte kerstrozen (Helleborus) kunnen deze maand al buiten gaan bloeien, net als de gele toverhazelaar. Als het gaat vriezen stopt de bloei bij de laatste even. Als het daarna weer dooit verschijnen de bloemen weer volop. De kerstroos doet het anders. Die pompt bij vriezend weer het vocht uit de bloemen naar het blad. De bloemen kunnen dan niet bevriezen, het blad eventueel wel, maar dat is minder erg. Als het weer dooit, gebeurt het omgekeerde. Vanaf ca. 25 december hebben veel in het vroege voorjaar bloeiende heesters al zoveel korte en koude dagen meegemaakt, dat afgesneden takken met bloemknoppen binnen op de vaas al snel gaan bloeien. Dat geldt voor planten als hazelaar en wilg (katjes), Forsythia, els, toverhazelaar, winterjasmijn, kers. Zet de takken eerst twaalf uur in vrij warm water (35 °C), daarna in water op kamertemperatuur, dan gaan ze absoluut bloeien. Besproei de takken regelmatig met een vernevelaar.
Waarom boerenkool lekkerderderder is als het gevroren heeft?
Heb je een paar boerenkoolplanten staan, wacht dan met oogsten tot het een tijdje flink heeft gevroren. Door de vorstinvloed wordt het zetmeel in de bladeren omgezet in suikers. Het blad wordt er veel zoeter/smakelijker door en je loopt niet het risico dat je het er flink van aan je ingewanden krijgt (wat met 'rauw'- niet doorgevroren, maar natuurlijk wel gekookt - blad heel gauw gebeurt). Voor spruitjes geldt hetzelfde. Maar als je het wachten zat bent, kun je de bladeren ook een paar dagen in de diepvries doen natuurlijk.
Niet-winterharde bollen en knollen oprooien
Als het blad van de dahlia's zwart wordt, is het tijd de knollen te rooien. Snijd de stengels kort af, laat de knollen drogen en sla ze vorstvrij op in dozen of kistjes met tuinturf. Hetzelfde geldt voor Canna's, knolbegonia's, fresia's, Acidanthera, Tigridia, Gloriosa etc.
Voorjaarbloeiende bollen planten
Het kan vanaf nu tot in december. Plant de bollen en knollen van de vroege bloeiers (tulpen, hyacinten, sneeuwklokjes, krokussen, narcissen enz.) in groepjes op de plekken waar je ze wilt hebben. Liefst een beetje in de zon. Hoe diep iedere soort moet, staat op de verpakking. Het mooiste resultaat krijg je als je de bolletjes in groepjes op de plek uitstrooit. Plant ze waar ze gevallen zijn. Eén ding: altijd met de groeineuzen (de puntjes die moeten uitlopen) naar boven! Wortels beneden.
Uitgebloeide bloemen bij dahlia's weghalen
De planten bloeien veel rijker door als de uitgebloeide bloemen regelmatig worden weggehaald. Met name bij de rassen met enkele (geen dubbele) bloemen is de kans op zaadvorming namelijk groot en dat kost de planten erg veel energie die anders voor de vorming van nieuw bloemen beschikbaar blijft.
Oorwormen en slakken
Vooral in dahlia's en chrysanten, maar ook in andere planten kunnen oorwormen enorm schadelijk zijn. Ze knagen hele stukken uit de bladeren en bloemen. Je kunt ze vangen in een omgekeerde bloempot die je met stro of houtwol vult. Zet het geheel op een stokje in de grond bij de planten die worden aangevreten. De oorwormen kruipen er overdag in en dan kun je ze wegdoen. Ook de slakken blijven lastig. Hoe minder onkruid je in je tuin hebt, des te minder slakken. Er zijn allerlei biomethoden om ze vangen. De bekende bierval is er een, maar je kunt ook vochtige schijfjes aardappel of rode biet op de grond leggen. Daar komen ze massaal op af. Vochtig stro op de grond leggen helpt ook. Daar kruipen ze onder en dan kun je ze ook wegvangen. Over chemische middelen wil ik het nu niet hebben. Maar als je van die korrels toepast, leg die dan in een leeg bloempotje dat je op z'n kant tussen de planten plaatst. Dan blijven ze langer goed en verregenen niet zo snel. Maar lopen er kleine kinderen of huisdieren in je tuin, dan liever geen slakkenkorrels gebruiken.
Klimplanten aanbinden
Er zijn maar weinig klimplanten die zichzelf aan muren vasthechten zoals bijvoorbeeld klimop doet. De meeste klimmers vormen volop nieuwe scheuten die je nu moet aanbinden als je ze een beetje wilt leiden. Dat kan het best met tuintouw, raffia of speciale bindstrips. Bind ze zo tegen hun klimsteun dat de wind goed tussen de ranken door kan spelen. Dat voorkomt veel schimmeloverlast later in het jaar.
Balkonbakken nakijken
Je moet de eenjarige zomerbloeiers pas half mei in de bakken zetten, maar je kunt de bakken nu al wel vast legen en goed schoonmaken. Zet de overblijvende planten die er in de winter in stonden in de volle tuingrond (als je tenminste een tuin hebt), anders kun je ze misschien aan vrienden en kennissen weggeven. Loop ook klimrekken en dergelijke even na om te zien of alles nog in orde is, zo niet dan heb je nu nog de tijd om ze te repareren of te vervangen.
Schoffelen en wieden
Het onkruid groeit al weer hard. Begin meteen met het verwijderen, want wat je nu weghaalt, zaait zich in ieder geval niet meer uit. Doe je niets dan kan je hele tuin binnen enkele weken groen van het onkruid zijn. Als je schoffelt, moet je zorgen dat het blad van je schoffel horizontaal en net onder het grondoppervlak de onkruidstengeltjes doorsnijdt. Onkruid weghalen hoeft dan niet. Het verdroogt en verdwijnt heel snel. Zorg dat je geen stengelhalzen en wortels van planten beschadigt. Met een schoffel maak je een duwende beweging, met een hak (minder praktisch voor dit doel) een trekkende.
Heesters verplanten
Als het niet vriest en er ook geen vorst in de grond zit, is dit een prima periode om struiken te planten en te verplanten. Steek heesters die je wilt verplanten rondom los. Zorg dat de kluit voldoende groot is (veel grond rond de wortels). Maak een ruim plantgat op de plek waar je de plant wilt hebben en sleep hem daarheen. Meng lekker veel organisch materiaal door de grond in het plantgat en plant de struik even diep in als hij op z'n oude plek stond. Trap de grond rond de wortels goed aan en geef royaal water als de grond wat droog lijkt.
Waterplanten in de winter
In deze wintermaand heeft de vijver niet veel aandacht nodig. Indien het  oppervlak dreigt te bevriezen is het verstandig alsnog een luchtpomp te  installeren. Daarmee gaat u bevriezing tegen en blijft het water  zuurstofrijk. Om verzuring van het bodemmateriaal te voorkomen, kunt u  alsnog een hoeveelheid Bio-Oxydator uitstrooien.
Uitgebloeide rhododendrons
Je moet voorkomen dat de planten zaad gaan vormen. Dus haal de uitgebloeide bloemen weg. Je moet ze er voorzichtig uit breken, want vlak onder en naast de uitgebloeide bloemen zitten nieuwe scheutjes die de bloemknoppen voor volgend jaar moeten leveren. Die mogen natuurlijk niet beschadigd worden.
Rode bessen
Als je een paar bessenstruiken hebt - dat kan prima in een sierborder - zullen de vogels nu op de rijpende vruchten afkomen. Breng netten over de struiken aan als je vruchten wilt overhouden. Vooral merels zijn er tuk op. Maar controleer de netten wel regelmatig, want soms verstrikken de vogels zich erin. Die moet je dan losmaken. Vind je dit een naar idee, dan raad ik je aan witte in plaats van rode bessen te planten. Die zien de vogels niet en eerlijk gezegd, ik vind die witte bessen nog lekkerder ook.
Tip van de maand
Heeft u ook zo'n lege plek in huis nu de kerstboom weg is?
Kerstboom eruit, kamerplant erin !
Geraniums zaaien
De meeste mensen zullen over een paar maanden jonge plantjes kopen, maar als je het leuk vindt om je eigen geraniums (Pelargonium) op te kweken, kun je die nu in bakken zaaien. Zaai ze in zaaibakjes onder een doorzichtig deksel of in potten die je met doorzichtige plastic zakken afdekt. Zet ze lekker warm op de vensterbank in de kamer of op een andere warme, lichte plek. De zaaigrond wel vochtig houden natuurlijk. Je moet ze na opkomst een keer verspenen (in aparte potjes overplanten). Na half mei kunnen ze naar buiten. Er is zaad te koop van allerlei mooie sterke F1-hybriden.
Lelies planten
Daar is het nu de tijd voor. De plantmethode is niet voor alle soorten leliebollen gelijk, dus kijk goed op de verpakking hoe het moet. De meeste lelies houden niet van kalk en moeten dus in zure grond staan, net als rhododendrons, heideplanten enz. Je moet de bollen diep planten (hoe diep staat op de verpakking), want ze vormen zowel vanuit de bollen als vanuit het onderste deel van de stengels wortels. Dat diep planten gebeurt ook omdat je leliebollen het best jaar-in-jaar-uit gewoon in de grond kunt laten. Zo hebben ze weinig last van de vorst. Zorg voor goede drainage onder in het plantgat. Een handje fijn grind is prima. Vul het plantgat op met goede potgrond en strooi na het planten wat mest op de plantplek.
Voorjaarsbemesting

Als je dat in maart nog niet hebt gedaan, kun je je planten nu nog een lekkere voorjaarsbemesting geven. Strooi organische mest bij je planten, bijvoorbeeld gedroogde koemestkorrels, siertuinmest of bio-tuinmest. Verder is oude stalmest heel goed (als je daar aan kunt komen) en bloed-, vis- of beendermeel (geen beendermeel strooien bij planten die van zure grond houden, want er zit vrij veel kalk in), enz. Na zes weken kun je dan opnieuw mest geven bij planten die dat nodig (lijken te) hebben. In potgrond zit voldoende bemesting voor de eerste zes weken. De planten die je erin hebt gezet, krijgen dus pas na die tijd honger.

TIP:Je kunt nu de heesters snoeien die al zijn uitgebloeid. Ook buxushaagjes kun je alvast knippen. Geef ze daarna extra mest voor goede hergroei. Als de buxusblaadjes hier en daar een beetje oranje zijn, moet je dat zeker doen. Geef speciale buxusmest. Loop al je andere struiken ook even na en knip alle takken of takeinden die er dood uitzien, weg.

Water geven
Als het wat langer droog is, zul je al snel moeten sproeien. Let vooral op planten die voor muren en schuttingen staan. Dat zijn meestal de droogste plekken in de tuin en daar verdrogen je planten dus het eerst. Geef liever een paar keer veel water ineens dan vaak een klein beetje. Dat is nodig om het water echt goed tot bij de wortels in de grond te laten doordringen. Als je 's morgens of 's avonds sproeit, is de verdamping het minst en ga je dus super zuinig met je water om. Dat kan vooral van de zomer flink schelen!
Heb je strobloemen gezaaid?
Je weet wel, van die droogbloemen of immortellen. Soorten? Ammobium, Helichrysum, Helipterum, statice enz. Dan weet je wat ik bedoel. Deze maand kun je al die soorten oogsten en drogen. Dat doe je als de bloemen goed open zijn. Pluk alleen op droge, zonnige dagen. Maak bosjes per soort en hang die ondersteboven op een luchtige plek (maar absoluut niet in de zon) te drogen. Controleer wel regelmatig, want er kan schimmelvorming optreden. Alles wat schimmelt, gooi je weg. Als de planten goed droog zijn, kun je het overtollige blad verwijderen.
Naaldbomen mogen in augustus worden verplant en geplant
Dat geldt uitsluitend voor (jonge) bomen die niet langer dan twee jaar geleden zijn geplant. Dan heeft de wortelkluit nog een bescheiden omvang. Deze is dan nog compact en gesloten, zoals hij op de kwekerij is gevormd waar de wortelkluiten om de twee jaar worden rondgestoken. Geef na het (ver)planten royaal water en blijf dat voorlopig regelmatig herhalen. Het is zelfs handig om een ringvormige geul rond de wortels te maken en daar een paar keer per week water in te gieten.
Vroegbloeiende vaste planten (ver)planten

Vaak wordt aangeraden om alleen in het voorjaar iets met vaste planten te doen. Dan mag je ze planten, verplanten, delen of scheuren (vermeerderen) enz. Dat is niet verkeerd, maar er kan nu ook veel. Soorten die in het vroege voorjaar volop staan te bloeien, kun je dan beter niet delen. Doe dat liever nu. De grond is nu nog warm, niet droog en de planten kunnen zich voor de winter voldoende van de ingreep herstellen. Haal de planten die je wilt vermeerderen uit de grond, snij of steek de jonge buitenste delen eraf en plant die opnieuw in. Het oude hart gooi je weg. Zo heb je ineens veel meer planten die weer uit zullen groeien. Voordat je inplant wel de grond op de plantplek even verbeteren door er compost of iets dergelijks door te mengen.

Plant bollen van tulpen, narcissen en hyacinten
Laat de bollen op de gekozen plek in groepjes op de grond vallen en plant ze met de groeipunten omhoog op de plekken waar ze zijn gevallen. Een tip: vul de gaten boven de bollen op met potgrond. Zo loop je het minst de kans dat de bollen tijdens de winter beschimmelen en gaan rotten. In bakken planten kan natuurlijk ook.
Haal nog even zo veel mogelijk onkruid weg

Onkruid groeit ook bij lage temperaturen nog lang door, bloeit dan ook en zaait zich uit. Eigenlijk zijn het fantastische, onverwoestbare planten die helemaal zijn aangepast aan ons klimaat. Je zou er groot respect voor kunnen hebben als het niet zo lastig was. Als je ze nu hun gang laat gaan, heb je daar volgend jaar spijt van.

Zit je op kleigrond en moet je die spitten, doe dat dan nu! Zit je op zandgrond, wacht dan tot het voorjaar. Klei moet kapot vriezen om lekker rul te worden.

Droogteschade voorkomen
Wind, felle zon en kale vorst hebben een enorm uitdrogende werking, vooral bij groenblijvende planten. De meeste groenblijvers hebben wel een systeem om de verdamping via het blad te beperken, maar die verdamping gaat 's winters wel door. Als hun wortels dan in stijf bevroren of te droge grond staan, kunnen ze geen of te weinig water aanvoeren en de planten verdrogen. Soms zelfs tot de dood erop volgt. Dat kun je voorkomen door tijdens zacht winterweer de planten water te geven, hoe gek dat ook klinkt. Verder kun je planten op dagen met felle zon en kale vorst (vorst zonder dat er sneeuw ligt) tegen die zon beschermen door er tijdelijk rietmatten, tuinvlies of ander schermmateriaal voor aan te brengen.
Let op je kuipplanten
Je moet zorgen dat de grond in de potten in de winterberging iets vochtig blijft. Planten die hun blad hebben laten vallen moet je minder water geven dan de groenblijvende, maar de potkluit mag nooit helemaal uitdrogen. Soorten als geraniums en fuchsia's kunnen dus vrij droog staan. Als het buiten zacht weer is, kun je de overwinteringsruimte lekker luchten. Frisse lucht is altijd goed. Pas op voor aantastingen. Vooral dopluis en wortelluis kunnen plotseling heel vervelend en massaal optreden. Dopluis zie je als kleine schildjes op de twijgen. Onder die schildjes zitten de luizen. Aanstippen met spiritus is dodelijk voor ze. Bij wortelluisaantastingen worden de bladtoppen bruin en er valt blad af. De luizen zitten als witte puntjes aan de wortels. Als je de trotse bezitter van een verwarmd hobbykasje of een serre bent, heb je het helemaal voor elkaar. Dan gaat je groene hobby gewoon door.
Vaste planten wel of niet schonen
Het antwoord is heel simpel. Als het geen kwaad kan, laat je alles rustig afsterven en geeft die dode massa stengels en bladeren een prima winterdek boven de doorlevende wortels. Maar als die dode massa andere planten dreigt te verstikken (bijv. groenblijvende vaste planten) moet je het nu weghalen. Anders ben je straks die groenblijvers kwijt. Geef de planten die je kort afknipt een laagje potgrond. Dan hebben ze toch hun winterbescherming.
Sierheesters planten
De bladverliezende heesters gaan nu in winterrust en dat is de ideale periode om ze te planten en te verplanten. Dat geldt zeker voor planten die met zogenaamde 'kale wortels' (niet in pot met kluit gekweekt) worden geleverd. In pot gekweekte planten kunnen het hele jaar door de grond in (als het tenminste niet vriest, erg droog of erg nat is). Maak steeds een ruim plantgat, verbeter de grond met veel organisch materiaal (compost, potgrond etc.) en meng er wat beendermeel doorheen. Plant steeds zo diep als de plant ook eerder stond (te zien aan de verkleuring onderaan de stam of grondtakken). Schud tijdens het inplanten de in het gat teruggebrachte grond goed tussen de wortels (de plant een beetje op en neer schudden), trap de grond daarna stevig aan en geef royaal water.
Niet-winterharde planten stekken om er volgend jaar weer van te genieten
Het lukt heel goed met planten als de heliotroop, Salvia microphylla, Helichrysum, Plectranthus, Cuphea, Lantana en Anisodontea. Knip eindstukken van de scheuten af (ca. 15-20 lang), haal de onderste bladeren eraf en steek ze in potten of bakken met een mengsel van potgrond en scherp zand. Na enkele weken zullen de meeste geworteld zijn. Ze moeten nog niet hard gaan groeien, dus houd ze koel en aan de droge kant, maar zet ze wel licht (uiteraard binnen). Je zult er volgend jaar weer veel plezier aan beleven.
Coniferenhagen snoeien
Augustus is dé maand om coniferenhagen te snoeien. Doe het zo dat de zijden een beetje schuin lopen. Van boven smaller dan onderaan. Zo kan het licht er tot onderaan toe het beste bij en blijft het geheel netjes gesloten. Je moet er dan natuurlijk geen planten of andere zaken vlak voor zetten, waardoor de haag van onderen toch nog kaal wordt. Snoei solitaire coniferen liefst niet met de heggenschaar maar met de snoeischaar. Het kost wat meer tijd, maar het resultaat is veel mooier. Een heggenschaar met golfsneden geeft ook een mooier resultaat dan een schaar met rechte snijbladen.
Rozen op de vaas zetten
Als je hele mooie rozen in je tuin hebt staan, kun je daar best zo nu en dan wat van op de vaas zetten. Knip de steel boven een zogenaamd vijfblad door (een samengesteld blad met vijf blaadjes, ze zijn er namelijk ook met drie blaadjes). In de oksel van zo'n vijfblad zit een knop die een nieuwe bloeistengel geeft. Vandaar. Ga de rozentak niet pletten, haal ook de doorns er niet af , maar zorg wel, dat er geen blad in het vaaswater komt. Een beetje snijbloemenvoedsel erbij houdt de bloemen langer goed.
De zandbak
Heb je kleine kinderen en een zandbak, dek die dan na het spelen steeds weer goed af. Katten maken er al snel een kattenbak van en in die troep wil je je kind niet laten spelen! Je hebt de bak natuurlijk gevuld met echt speelzand. Dat blijft minder aan de kleren hangen. Even afkloppen en klaar!
Spitten
Als de structuur van de grond erg slecht is, kan er nu gespit worden. Dat geldt met name voor zandgrond. Als je kleigrond in je tuin hebt, had je die beter in het najaar kunnen spitten. Dan was de grond nu al veel beter bewerkbaar geweest. Maar je kunt proberen er nu nog veel organisch materiaal, zand e.d. doorheen te werken. Daar hebben je planten en jij dan later dit jaar veel plezier van.
Knap je gazon op
Het gras groeit al weer. Dus ook het maaien begint. Als er erg veel mos en vuil in de grasmat zit, kun je nu verticuteren. Met een verticuteerhark of -machine trek je alle rommel tussen de grasplanten uit, je brengt lucht in het gazon en de graswortels worden doorgesneden, wat ze tot nieuwe groei aanzet. Je zult ervan staan te kijken hoeveel vuil er uit zo'n grasmat komt. Voer dat af of breng het op de composthoop of in de compostcontainer. Geef je gazon na het verticuteren een goede basisbemesting. Dat kan met organische mest of met stikstofrijke minerale mest. Maak het gazon na het mesten nat als het droog weer is, want de voedingsstoffen moeten in de grond trekken.
Je kuipplanten
Die mogen langzamerhand weer wat warmer staan en in ieder geval mag je ze meer water gaan geven. Geef nog geen plantenvoedsel. Dat doe je pas vanaf april. Als je dat doet, heb je kans dat de oleander (als je die hebt) al vanaf juni gaat bloeien. Verschillende planten die je in winterrust hebt staan, zullen nu al gaan uitlopen, de Chinese roos bijvoorbeeld (Hibiscus rosa-sinensis). Planten als Brugmansia/Datura en fuchsia's kunnen nu flink worden gesnoeid. Dan groeien ze straks mooi bossig uit.
Appel en peer snoeien

Heb je zo'n fruitboompje, dan is het nu tijd om die te snoeien. Dat bevordert de gezonde groei en vruchtvorming. Haal eerst de zogenaamde 'waterloten' weg. Dat zijn lange scheuten die vorig jaar uit de stam of uit de bovenkanten van de dikke takken kunnen zijn gegroeid. Zulke scheuten dragen geen vrucht. Haal ook elkaar kruisende of langs elkaar schurende takken weg. Snoei de kroon 'open'. Er moet licht en lucht in kroon kunnen doordringen. Uit de stam groeien de sterke gesteltakken. Daaraan zitten de draagtakken vol vruchthout. Meestal zijn dat horizontale takken. Afgedragen (oud) vruchthout hangt vaak naar beneden. Knip die weg tot op een eenjarige nieuwe scheut die als vervanger dienst gaat doen. Snoei nooit te veel tegelijk weg! Eenjarige scheuten kun je wat inkorten. Dat maakt ze straks minder gevoelig voor meeldauw.

Je kunt ook nu uitgebloeide heesters snoeien
Zorg dat je de natuurlijke vorm zo veel mogelijk behoudt. Buiten proporties uitgegroeide takken moet je altijd inkorten. Let ook op wilde scheuten bij rozen, fruitgewassen, sierkersen enz. Die moet je niet afsnoeien, maar hun basis opzoeken en ze daar lostrekken, anders krijg je er een groot aantal nieuwe voor in de plaats.
Vergeet niet te maaien
Het gras groeit gewoon door. Maai iedere week. Als het erg droog is, kun je de machine wat hoger afstellen, zodat het gras wat langer blijft. Dan verbrandt het niet zo gauw. Geef ook deze maand weer wat minerale mest. Je zult mogelijk ook de kanten moeten bijwerken om het gazon netjes binnen de perken te houden. Met zo'n halvemaanvormige steker vind ik het altijd lekker werken, maar er zijn ook kantelbare trimmers waar je dat karweitje prima mee kunt uitvoeren.
Controleer je kuipplanten

Vergeet niet je kuipplanten in de winterberging te controleren op ziekten en aantastingen. Laat ze niet helemaal uitdrogen. Geef zo nu en dan iets water.

Last van vraat?
Konijnen en hazen vinden veel tuinplanten erg lekker. Ook de bast van heesters en vooral jonge vruchtbomen. Ze zijn er gek op. Alleen een goede omheining helpt als je last van deze dieren hebt. Van jeneverbes (Juniperus) en doornige struiken als Berberis blijven ze trouwens af.
Andere heesters snoeien
In principe kun je alle heesters die pas in de zomer of de herfst bloeien, nu snoeien. Snoei geen takken weg bij soorten die in het voorjaar bloeien. Dan snoei je ook de bloemknoppen weg en krijg je dus geen bloemen. Bij de zomer- en herfstbloeiers moeten die knoppen nog worden gevormd en kan het dus geen kwaad. Zo simpel is dat!
Opgevroren planten
Sommige planten kunnen zich tijdens de winter op hun wortels uit de grond omhoog hebben gewerkt. Je kunt dan twee dingen doen: of je haalt ze even uit de grond en plant ze opnieuw op de juiste diepte in, of je strooit een lekkere laag compost om de planten heen, zodat ze gelijk met de bovenkant van die laag staan. De laatste methode geeft meteen ook extra voedsel aan de planten. Zou je niets aan dat opvriezen doen, dan kunnen de planten later in het jaar extra van droogte te lijden krijgen.
Gazon
Het gras maai je natuurlijk al iedere week. Haal ook het onkruid tussen de grasplanten uit. Dat begint nu al aardig te groeien. Strooi voor de eerste keer wat minerale mest op het gazon - doe dat bij droog weer, maar als er regen is voorspeld. Herhaal dat mesten over een week over vier. Zo hou je je gazon gezond!
Zorg bij heide voor zure grond
Heideplanten wortelen nogal ondiep en hebben er een hekel aan dat hun wortels door de zon worden beschenen. Bovendien houden ze van zure grond. Die twee vliegen kun je in één klap slaan door nu tuinturf tussen de planten op de bodem uit te strooien. Dat maakt de grond zuurder en beschermt. Bovendien verbetert de grond doordat het turf langzamerhand in humus wordt omgezet.
Broedbolletjes verzamelen bij lelies
Onder andere bij tijgerlelies en vuurlelies zijn aan de stengels in de bladoksels broedbolletjes gevormd. Die kunnen deze maand worden afgenomen en als je geduld genoeg hebt, kun je er nieuwe planten uit opkweken. Het duurt wel een paar jaar voor ze zo groot zijn dat ze zullen gaan bloeien, maar planten zelf opkweken is een dankbare hobby. Druk de bolletjes 5 cm diep en 15 cm uit elkaar in de grond, breng er een laag mulch over aan, zet er een etiket bij en wacht rustig af wat er volgend jaar uit opkomt.
Een bloemetje uit de tuin
Dahlia's en chrysanten zijn prima snijbloemen. Ze staan niet lang op de vaas, maar ze zijn wel erg mooi. Lekker herfstsfeer in huis! Zorg dat er geen blad in het vaaswater hangt en doe steeds snijbloemenvoedsel in het water. Ze drinken veel, dus regelmatig water aanvullen.
Wat is belangrijk bij overwintering van uw zwembad?
  • Pomp uw bad leeg tot net onder de bovenste inspuiters (20 à 30cm)
  • Inspuiters afdichten met winterstop.
  • Afdichten met lichtdicht winterzeil (beter niet met noppenfolie)
  • Zet de 6-weg klep van uw filter op winterstand (tussen Waste & Closed)
  • Water aflaten uit uw filter ofwel vorstvrij opbergen
Leuk werkje: bessenstruiken stekken
Ook zo gek op die fris smakende rode en witte (eigenlijk nog lekkerder) aalbessen? Zorg dan dat je lekker veel struiken krijgt door te stekken. Dat gaat heel eenvoudig. Knip één jaar oude twijgen in stukken van ongeveer 30 cm. Knip de bovenkant recht af, de onderkant schuin. Dan kan je straks ook nog zien wat boven en onder is. Daarna alle zijknoppen - op de bovenste drie na - verwijderen. Vervolgens steek je de stekken ergens 15 cm diep op een rustig plekje in de grond (tot de helft dus). Dat moet met de bovenkant boven gebeuren, anders wil je stek niet wortelen. Vandaar dat snoeiverschil. Bij zwarte bessen gaat het net zo, maar die steek je dieper in de grond, wel 25 cm zodat er maar 5 cm boven de grond uitsteekt. Laat de stekken rustig wortels vormen en groeien. Volgend najaar heb je dan verplantbare struikjes.
Is sneeuw nu goed of niet?
Hierboven noemde ik sneeuw als warme deken, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Het beste is droge poedersneeuw. Dat bevat tot 80% ingesloten lucht en heeft dus een enorme isolerende waarde. Dat is heel anders bij plakkende natte sneeuw of harde sneeuw die ontstaat door herhaaldelijk opdooien en weer bevriezen. Zo'n harde sneeuwkorst laat geen lucht door en isoleert nauwelijks. Alles wat eronder zit kan dan verstikken. Ook moet je sneeuw weghalen bij planten waarvan de takken onder het gewicht van een sneeuwvracht uitbuigen. Bij een spar met neerhangende takken is dat geen probleem, maar bijvoorbeeld bij een jeneverbes of taxus met opgaande takken wel. Die kunnen definitief een lelijke stand aannemen of zelfs afbreken als je er niets tegen doet. Dat geldt trouwens niet alleen voor die coniferen. Ook bepaalde heesters, zoals rhododendrons, kunnen last hebben van zo'n sneeuwlaag.
Oudere hagen terugsnoeien
Bladverliezende hagen (dus niet: coniferenhagen) die de maat die je wilt al hebben bereikt, worden ondanks de snoei in de zomer ieder jaar en paar centimeter groter en breder. Als je daar wat aan wilt doen, kun je zo'n haag eens in de vijf jaar zo'n 20 tot 30 cm terugsnoeien. Dat kun je in deze periode doen als het zacht weer is - het mag niet vriezen - anders wachten tot het vroege voorjaar. Vaak moeten er bij zo'n klus flinke takken worden gesnoeid. Zonder takkenschaar (met van die lange handvatten) of snoeizaag kom je dan niet ver.
Rozen tegen vorst beschermen

Rozen die al in de tuin staan kun je tegen vorst beschermen door ze rond de basis 'aan te heuvelen' (er grond tegen aan brengen). Hiermee bescherm je de eerdergenoemde oculatieplek. Bij stamrozen zit ook bovenaan de stam een oculatieplek. Die kun je met sparretakken of stro ombinden en zo tegen vorst beschermen.

Het is nu trouwens een prima tijd om bladverliezende heesters en bomen te planten. Maak altijd een flink plantgat waar de wortelkluit royaal in past en plant niet dieper dan de struik of boom in zijn pot stond. Dat kun je heel eenvoudig zien: het stuk van stam of takken dat onder de grond zat is bruin, wat boven de grond zat heeft een groene aanslag. Eenvoudiger kan het niet.

Uw vijver in oktober

Onderhouds adviezen

Waterplanten
De waterplanten in de vijver gaan nu met rasse schreden achteruit. De groei is er uit en het blad wordt bruin en sterft af. De bomen en struiken in de tuin laten meer en meer bladeren vallen. Om te voorkomen dat er teveel bladval in de vijver waait, moet er een afdeknet over het oppervlak worden gespannen. Gebruik een fijnmazig en stevig net van kunststofgaren en span het zo strak mogelijk over de vijver.

Water
Verwijder alvorens het afdeknet aan te brengen, zoveel mogelijk afgestorven bladeren en ander organisch materiaal uit de vijver. Om in de komende winter-maanden verzuring van het milieu tegen te gaan, strooit u een hoeveelheid Bio-Oxydatoruit over de bodem. Breng verder een ijsvrijhouder of een goede luchtpomp aan, zodat u bij vorst een deel van het water-oppervlak open houdt.

Vissen
Het koude water zorgt ervoor dat de vissen zich dieper in de vijver ophouden. Zolang de watertemperatuur nog boven de 5°C is, kan er nog gevoerd worden. Het speciale Winter Fish Food is nu aan te raden. Zet geen nieuwe vissen meer uit.
De Pond Protector tegen reigers, kan worden opgeborgen tot het volgende voorjaar.

Hoe moet ik een gazon verticuteren?

Hoe gaat u te werk?

Verticuteren is een essentieel onderdeel van het gezond en mooi houden van uw gazon. U kunt verticuteren met handgereedschap zoals een verticuteer hark maar voor grotere gebieden is het verstandig om dit met een verticuteermachine te doen.

Verticuteren helpt u voornamelijk om het percentage mos in uw gazon te verlagen, het brengt tevens uitlopers van zowel kruipende grassen en onkruid, zoals witte klaver terug.

Als een gazon lang niet geverticuteerd is of misschien zelfs nog wel nooit geverticuteerd is zult u zich verbazen over de hoeveelheid rommel die uit uw gazon komt. Wees echter niet bang - dit is een operatie die uw gazon enkel goed doet.  Verticuteren wordt het best uitgevoerd in twee of drie stappen in verschillende richtingen, horizontaal, verticaal en schuin. Voor de eerste stap is het verstandig om de messen niet te diep in te stellen 5mm is hiervoor ideaal. Voor de tweede stap is 10mm ideaal, voor de derde stap kunt u indien nodig uw verticuteermachine instellen op 15mm.

Verticuteren kunt u het beste doen in de herfst. Lichte verticuteer werkzaamheden kunnen echter ook prima plaatsvinden in het voorjaar, gaat u dan uit van slechts 1 stap op 5mm diepte.  Dit komt voornamelijk omdat het gras in het voorjaar in zijn meest fanatieke groeiperiode bevindt en het door het verticuteren in het voorjaar hinder kan ondervinden.

  • Stap 1: Controleer uw grasmat.

Het is verstandig om mos en onkruid een aantal weken van te voren reeds te doden.

  • Stap 2: Maai het gazon.

Maai het gazon erg kort, zo kort mogelijk maar zorg dat het gras nog wel groen blijft. Hoe korter het gras hoe makkelijker het verticuteren zal gaan.  Als het gazon voornamelijk bestaat uit mos en onkruid zal er na het verticuteren weinig meer overblijven. Verticuteren kunt u het beste doen wanneer het gazon een beetje vochtig is, niet te nat of te droog.

  • Stap 3: Stel de diepte van de messen in.

Om de diepte van de messen in te stellen gaat u naar een onopvallende plaats op uw gazon. Test hoe diep de messen moeten voordat er mos uit uw gazon komt, meestal is 5mm hier een juiste diepte voor. Schrik niet als er bijna niets van uw gazon over blijft, enkel het mos wordt verwijderd en het overgebleven gras kan prima tegen het verticuteren.

  • Stap 4: Begin met verticuteren.

Voor de eerste verticuteersessie is het goed om lange banen te maken in de lengterichting van uw gazon. Sommige verticuteermachines worden geleverd met een opvangbak, let goed op dat deze opvangbak niet vol zit!

  • Stap 5: Gras opharken.

Voordat u kunt beginnen aan de tweede verticuteersessie is het belangrijk dat u het mos opharkt en verwijderd van uw grasmat.

  • Stap 6: Tweede verticuteersessie.

Probeer op de zelfde onopvallende plek als waar u de diepte van de messen hebt uitgeprobeerd welke diepte voor de tweede sessie gewenst is. Waarschijnlijk is 10mm hier geschikt voor.

  • Stap 7: Indien nodig derde verticuteer sessie.

Nadat u het mos van de tweede sessie hebt opgeveegd kan het nodig zijn dat u nog een derde sessie inlast indien er nog veel mos in uw gazon zit. Meestal is de juiste diepte  hier 15mm voor.

  • Stap 8: Gras inzaaien.

Waarschijnlijk kijkt u nu geschrokken naar de resten van uw groene gazon, schrik echter niet! Alles wat eerst groen was en nu is verdwenen was mos of onkruid.

Om echter weer een mooi groen gazon te krijgen is het belangrijk om direct gras in te zaaien en dit aan te lopen waardoor het goed contact maakt met de aarde. ’s Avonds goed sproeien zodat het voldoende water krijgt en binnen no-time heeft u weer een groen gazon! Dit maal zonder mos!

Nog meer planten die in augustus de grond in kunnen

De bollen of knollen van Iris reticulata, kievitseitje, sterhyacint, dwergnarcis, hondstand, Eremurus, Camassia en Cyclamen coum worden in de tweede helft van augustus geplant.

TIP:Bewaar tulpen en andere bollen zo dat muizen er niet bij kunnen. Die vreten er namelijk erg graag van.

Dahlia's aanbinden
Er zijn lage en hoge dahlia's. De hoge - pompon, decoratief, semicactus enz. - kunnen het best worden aangebonden. De vracht aan bloemen kan enorm zwaar worden, waardoor de stelen vrij gemakkelijk kunnen breken. Zet tonkinstokken (bamboe) bij de planten en bind iedere stengel daar apart aan vast. Dus nooit een bos stengels als bundel aan één stok vastmaken. Dat is geen gezicht. Het moet zo natuurlijk mogelijk lijken. Het is nu al te laat om nog meegroeisteunen aan te brengen.
Denk ook eens aan sierkalebassen
Het is erg leuk om zelf sierkalebassen in de meest wisselende vormen en kleuren te kweken. Ze hebben volle zon nodig en vruchtbare (pot)grond. Ze ranken sterk. Rassen met kleine vruchten kun je prima als klimmers tegen een rekje kweken. Zaai ze nu. Duw ze op hun kant in de grond. Net even onder het oppervlak is goed. Daarna goed vochtig houden en wachten tot ze kiemen. Dat kan heel wisselend gebeuren, dat wil zeggen: ze zullen niet allemaal tegelijk opkomen.
Kijken of alles nog leeft
Vooral je vaste planten (die nu langzamerhand weer boven de grond horen te komen) kunnen het door kou en vocht in de winter behoorlijk moeilijk hebben gehad. De meeste zullen nu wel weer boven de grond komen, maar als het afgestorven groen los ligt en je een pol zo van de grond oppakt, weet je zeker dat de plant dood is en kun je er een nieuwe neerzetten. Wacht bij twijfel nog even tot mei. Het kan zijn dat een deel van de wortels toch nog leeft en dat de plant daaruit alsnog uitloopt. In pot gekweekte vaste planten kun je prima planten.
Rozen snoeien
Je struik- en stamrozen moet je tussen 1 maart en 1 april snoeien. Snoei je struikrozen kort, tussen 10 en 30 cm boven de grond. Gebruik altijd een scherpe snoeischaar die een gladde snede maakt. Haal eerst al het dode hout weg, ook alle iele takjes en snoei dan de stevige, gezonde takken in. Hoe korter je snoeit, des te krachtiger worden de nieuwe scheuten. Aan een goede struik zitten zo'n 7 à 8 sterke takken. Snoei van twee takken die te dicht op elkaar zitten of elkaar kruisen, er ook één weg. Snoei kort boven een naar buiten wijzend oog (een knop). Laat je er een te lange stomp boven zitten, dan sterft die in en dat kan allerlei ziekten veroorzaken. Miniatuurroosjes moet je niet zo kort snoeien, verder is de behandeling hetzelfde. Botanische of heesterrozen moet je niet kort snoeien. Als ze te groot worden, kun je wel wat oude takken bij de grond wegnemen. Bij klim-, treur- en bodembedekkende rozen kun je eventueel nog wat takken inkorten als die te lang worden of verkeerd groeien. Als er veel nieuwe, jonge scheuten vanuit de basis komen, kun je ook daarbij eventueel wat oude takken wegnemen. Heel belangrijk is dat je de takken bij klimrozen gebogen of horizontaal aan de klimsteun vastbindt. Hoe beter horizontaal, des te meer bloeischeuten zullen ze vormen. De meeste stamrozen zijn gewoon struikrozen die op een onderstam zijn geënt. Die kun je bovenin gewoon als struikrozen snoeien. Heeft je stamroos een treurvorm met hangende takken, dan geldt wat ik hierboven over treur-, klim- en bodembedekkende rozen heb vermeld.
Vorstscheuren bij fruitbomen
Door de al sterke zonnestraling overdag en de lage nachttemperaturen die erop volgen, kunnen in de stam en de dikkere takken van fruitbomen zulke sterke spanningen optreden dat ze scheuren. Er ontstaan dan vorstspleten. Bij oudere bomen kan zelfs het houtweefsel openscheuren. Het meest gevoelig zijn jonge appelbomen op een zwak groeiende onderstam en kersenbomen. Zo¹n gespleten bast raakt langzamerhand los van het hout, droogt uit en krult naar binnen om. Dat betekent niet alleen dat de sapstromen ontregeld worden, er kunnen ook allerlei schimmels bij de boom binnendringen. Vaak kun je aan de bast al zien als er zoiets staat te gebeuren. De bast wordt op zo¹n plek namelijk eerst lichtrood voor hij scheurt. Verse vorstspleten kun je het beste met binddraad stevig omwikkelen. Zet eventueel de bast langs de scheuren met kleine spijkertjes vast en dek de spleet luchtdicht met wondafdekmiddel af.
Doe niets met planten in de tuin als het vriest

In pot gekweekte tuinplanten kun je in principe het hele jaar door planten, maar doe dat in ieder geval niet als het vriest of als er een vorstperiode is aangekondigd. Ook niet als de grond nog bevroren is. Zorg bovendien dat je de planten in de tuin niet vertrapt. Vooral spelende kinderen kunnen heel gemakkelijk de groeineuzen van overwinterende vaste planten beschadigen. Als het grasveld bevroren is, kun je daar ook beter niet op lopen. Het geeft allemaal schade die pas tijdens het komende groeiseizoen blijkt.

Aardbeien
Als je aardbeien in je tuin hebt - binnenkort kun je de eerste weer oogsten - zou je die eigenlijk niet moeten wassen voor je ze eet. Vind je dat een vies idee, dan heb ik niets gezegd, maar door het wassen gaat heel wat van het lekkere aroma verloren. Om de aardbeien zo schoon mogelijk te kunnen plukken, kun je stro onder de rijpende vruchten aanbrengen. Dat scheelt een stuk.
Vangbandje om je fruitboom
Van oudsher worden in juni lijmbanden om de stammen van fruitbomen aangebracht om te voorkomen dat allerlei insecten, rupsen en larven vanuit de bodem via de stam naar de kroon kruipen om zich straks te goed te doen aan je groeiende fruit. Voor het aanbrengen wel eerst de bast van de boom goed schoonborstelen, anders kruipen de beesten er gewoon via smalle openingetjes onderdoor en had je het net zo goed kunnen laten.
Druif snoeien

Bij de druif komen binnenkort de sapstromen op gang. Die moet je absoluut voor eind januari snoeien. Wacht je daar te lang mee, dan kan de sapstroom al zo krachtig zijn dat de plant de snoeiwonden niet meer kan sluiten. Hij kan dan letterlijk doorbloeden of gedeeltelijk afsterven. Houd bij het snoeien één verticale hoofdtak aan (de stam) en maak 'leggers' (horizontale zijtakken) op 40 cm onderlinge afstand. Daaruit groeien straks weer verticale scheuten die vrucht gaan dragen. Snoei verder alles wat de verkeerde kant uitgroeit of op de een of andere manier in de weg zit gewoon af. Je ziet, echt ingewikkeld is het niet.

Groenteplantjes nu al beschikbaar
Wij hebben een grote keuze aan kruiden en groenteplantjes.Moestuinieren kan overal > Het meest gebruikelijke is in de tuin, maar niet alle mensen hebben een tuin ter beschikking of hebben maar een kleine oppervlakte. Niet getreurd, er bestaan moestuinbakken! Deze houten constructies zijn gemaakt zodat iedereen de mogelijkheid heeft om zelf zijn of haar groenten en kruiden te kweken. De moestuinbakken zijn beschikbaar in verschillende formaten en vormen zodat er voor ieder wat wils is.
Pak ook de rozen uit
Vooral stamrozen zijn meestal wel op de een of andere manier ingepakt tegen vorst. Iedereen weet dat die kronen hoog boven de grond gemakkelijk bevriezen. Gelukkig kunnen de lelijke plastic zakken die daar vaak voor worden gebruikt, nu van de planten worden afgehaald. Het gebruik van zo'n zak is eigenlijk helemaal niet goed, omdat de planten daarin gemakkelijk kunnen gaan broeien en te vroeg scheuten gaan vormen. Als je ze laat in de herfst weer inpakt, kun je veel beter groene coniferentakjes rond het oculatiepunt (waar de takken uitkomen) binden. Dat werkt beter en staat veel mooier.
Erg veel mos in het gazon
Het is normaal dat er na de winter wat meer mos in het gras zit. Mos begint gewoon al bij lagere temperaturen te groeien dan gras. Het krijgt dus even de kans. Als het gras ook gaat groeien, is het meestal snel afgelopen. Maar als het heel erg is, moet je wat doen. Grijp niet meteen naar mosbestrijdingsmiddelen, daarmee verhelp je de oorzaak niet: een slechte toestand van de grond en de grasmat. Je kunt verschillende dingen doen: kalk strooien, beluchten (met een greep of een prikroller gaatjes in de grasmat prikken) of verticuteren. Dat laatste doe je met een verticuteerhark of -machine. Al het vuil en mos wordt ermee uit de grasmat gehaald en de bodem wordt losgemaakt. Na het verticuteren moet je stikstofrijke mest strooien (nooit kalk en mest tegelijk!). Je zult zien dat je grasmat er een week later al heel wat beter uitziet.
Plantenbakken inrichten
De zomerbloemen of perkplanten die je nu overal kunt kopen, kunnen na half mei zonder bezwaar buiten worden uitgeplant. Na de IJsheiligen (11-14 mei) is de kans op nachtvorst namelijk zo klein dat de planten geen gevaar meer lopen. Voor die tijd is ook het licht nog zo weinig intensief dat ze nog niet echt goed groeien. Zet de planten in een bloembed of in schalen, potten en bakken. Zorg dat het wortelkluitje met grond niet uit elkaar valt bij het overplanten. Dat lukt het best door het kluitje eerst goed nat te maken. Als je in de een of andere vorm van container plant, moet je in ieder geval zorgen voor goede drainage. Zitten er geen gaten onderin, maak die dan. Leg een bolle potscherf over het gat zodat de potgrond die je er bovenop aanbrengt, niet wegspoelt. Zorg voor voldoende groeidiepte in de container. Gebruik alleen goede, kiemvrije potgrond. Dat is gegarandeerd ziektevrij. Duw een lang werkende groeipil bij de wortels in de potgrond. Dan hoef je maandenlang niet bij te mesten. Hoe lang staat op de verpakking. Dat wisselt per product. Als je een hangmand samenstelt, moet je met een stuk plastic of een schotel onderin zorgen dat er wat water in kan blijven staan. Dan verdroogt zo'n mand lang niet zo snel. Duw de potgrond goed rond de wortels aan en geef na het inplanten flink water. Zeker bij zonnig weer moet je van nu af aan je planten in potten en bakken iedere dag water geven. Giet op de potgrond en niet op de planten. Het inplanten van potten en bakken kun je het best doen als het weer wat betrokken is. De verdamping van de planten is dan minder en dus drogen ze niet zo snel uit.
Een schimmeldodend 'bio'middel
Over huismiddeltjes tegen insecten op planten lees je regelmatig, tegen schimmels blijkt veel minder bekend te zijn. Toch zijn die middeltjes er ook. Een van de meer bekende is paardestaartthee. Dat wordt gemaakt van de oerplant waarvan de stengels als omgekeerde parapluutjes in elkaar zitten. Je kent het vast wel als onkruid in je tuin. De wetenschappelijke naam is Equisetum arvense. Neem 1 kg van die planten, giet daar 10 liter heet water over en laat dat 24 uur staan. Daarna 20 minuten op een laag pitje doorkoken. Vervolgens afgedekt laten afkoelen. Voor gebruik zeven. Als je dat mengsel om de veertien dagen op schimmelgevoelige planten spuit (in de schemering) moet het helpen. Veel succes!
Mooie madonna's
In augustus worden madonnalelies geplant. Je kent ze wel: die lelies met die prachtige witte trompetbloemen. Plant de bollen 10 cm diep, liefst in grond met wat kalk en op een plek waar gedurende een deel van de dag lichte schaduw valt. Het is nu trouwens ook tijd om herfstkrokussen en herfsttijloos (Colchicum) te planten als je die in je tuin wilt hebben. Colchicum plant je ook 10 cm diep, herfstkrokussen ca. 5 cm diep. Als je ze nu plant, zullen ze in oktober al bloeien.
Rozen planten
Een prima tijd om dat nu te doen - natuurlijk niet als het vriest, dan moet je nooit iets planten. Voor je rozen plant, moet je de grond diep omspitten (zeker 60 cm diep) en heel veel voedsel door de grond in het plantgat werken. Rozen zijn echte hongerhalzen. Er wordt geadviseerd om per roos vier liter (!) gedroogde koemest in te werken. Speciale rozenmest is ook prima. Plant nooit een roos waar er al een heeft gestaan. Dat is vragen om problemen. Plant ze diep. De oculatieplek (dat is de knobbel waar de takken aan de wortels zijn geënt) moet zeker 5 cm onder het grondoppervlak komen! Als je het heel mooi wilt doen, vinden rozen het erg lekker om voor het planten eerst met hun wortels in een kleipapje (modderbadje in een emmer) te mogen staan. Plant ze met de smurrie nog om de wortels: dan hoor je ze bijna juichen! Even wat maten voor als je een heel rozenperk wilt maken: zet grootbloemige rozen (theehybriden) 50 cm uit elkaar, minirozen 20 cm, klimrozen 2 tot 3 m, stamrozen 125 cm, botanische rozen (heesterrozen) 150 cm.
Uw vijver in december
Onderhoudsadviezen
Filters moeten in de winter blijven aanstaan. Zorg dat U geen water van de bodem of het diepere gedeelte pompt i.v.m. afkoeling van de watertemperatuur.

Planten
De vijver is nu een rustperiode ingegaan. De plantengroei is gestopt en  de vissen verschuilen zich bij de bodem. De vijver kan toe met minder aandacht.

Water
In Preventief werken en voorkomen dat de vijver dichtvriest. De beste en mooiste methode is één of meerderluchtstenen in de vijver hangen. De opborrelende bellen zullen niet alleen uw vijver op die plek ijsvrij houden, ook zullen schadelijke gassen verdreven worden en zal zuurstof worden toegediend.

Vissen
Sneeuw op het ijs zou kunnen zorgen voor een mooie isolatielaag maar  toch is het aan te bevelen om een deel van de sneeuw uiterst voorzichtig  weg te ruimen. Ook al zijn de vissen in rust. Een  straaltje zonlicht in de donkere winterperiode doet wonderen.  Bijvoorbeeld voor vitamine D productie bij vissen.
Dood hout weghalen
In bomen en heesters zit na een heel groeiseizoen meestal wel dood hout (dode takken). Bij bladverliezende soorten kun je die nu mooi zien zitten. Haal ze eruit (netjes wegsnoeien), dat scheelt weer schimmelaantastingen.
Geraniums voortkweken voor volgend jaar
Je kunt natuurlijk ieder jaar nieuwe geraniums voor je potten kopen, maar het is misschien best leuk om zelf stek te nemen waar je volgend jaar grote planten uit krijgt. Dat doe je door kopstek te nemen. Snij de toppen van stengels zo diep af dat je er twee grote bladeren aan hebt zitten. De onderste bladeren haal je eraf en het kale gedeelte steek in een potje met een mengsel van verse potgrond en scherp zand (1 op 1). Zet het geheel op een lichte plek, maar niet in de volle zon en houd de potgrond vochtig. Na een paar weken is je stek beworteld en kun je overplanten in potten met alleen maar potgrond.
Weet je dat je viooltjes kunt zaaien?
Er zijn heel veel leuke soorten viooltjes die je weinig tegenkomt. Het is erg leuk om die zelf te zaaien en later te genieten van al die bloemengezichtjes. Violen kun je het beste in een bak zaaien omdat de grond absoluut niet mag uitdrogen. Je hebt maar heel weinig zaad nodig. Het komt neer op - volgens kwekersinformatie - zo'n 2 gram per vierkante meter. Leg de eerste tijd maar een oude juten zak over het ingezaaide oppervlak. Dat kun je goed vochtig houden en het houdt uitdroging van de zaaigrond tegen. Zodra de plantjes opkomen moet je de zak natuurlijk weghalen, dus regelmatig even kijken. Als ze groot genoeg zijn om beet te pakken, moet je ze verspenen. Dat betekent dat je ze heel voorzichtig uit de grond haalt, de plantjes van elkaar losmaakt en ze apart in potjes overplant. Dat is een heerlijk priegelwerkje. Daarna gewoon verder opkweken op een licht beschaduwd plekje.
Hagen knippen
Zeker een ligusterhaag moet nu nodig worden geknipt. De groei zit er al goed in en voor je het weet is de vorm eruit. Aanpakken dus die takken! Trouwens de meeste hagen kunnen nu voor de eerste keer dit jaar worden gesnoeid. Met coniferen kun je eventueel nog wat wachten. Coniferen moet je nooit kaal snoeien. Dat wil zeggen: snoei ze nooit tot achter het groen. Kale takken lopen niet meer uit. Een van de weinige uitzonderingen is de taxus. Die kun je wel kaal snoeien en die loopt daarna wel weer uit. Snoei bij een haag de vorm altijd zo dat het licht ook de onderste takken goed kan bereiken. Dan houd je een gesloten haag. Als de onderste takken te weinig licht krijgen, worden ze kaal. De beste vorm is daarom: van boven smaller dan onderaan. Snoei je met een elektrische heggenschaar, pas dan op dat je niet door het snoer heen snoeit. Een handsnoeischaar met gegolfde snijvlakken snoeit makkelijker dan een recht model. Het gegolfde model houdt de takken namelijk beter vast.
Groenblijvende struiken planten

Met de woorden struik en heester wordt precies hetzelfde bedoeld. Het zijn planten die takken vormen die van binnen verhouten. Eigenlijk is dat hout een soort skelet. Bomen hebben dat ook, maar met bomen worden verhoutende planten bedoeld die in de regel met één stam uit de grond komen. Heesters komen met meerdere takken uit de grond: de struikvorm dus. Groenblijvende heesters worden zelden met kale wortels geleverd, maar meestal met een kluitbal waarbij de wortels binnen een gaasdoek in aarde zitten of ze zijn in een pot gekweekt. Het is nu (en nog in mei) de tijd om zulke planten in de grond te zetten. Je kunt nu dus bijvoorbeeld Rhododendron, Aucuba, Buxus, Kalmia, Pieris, Elaeagnus enz. planten. Ook als je een groenblijvende haag wilt zetten, kun je dat nu goed doen. Maak een ruim plantgat, zorg dat de wortelkluit daarin niet dieper komt te staan dan hij eerst stond (dat kun je zien aan de verkleuring op de takken; wat onder de grond zat is bruin, erboven is de bast wat meer groenig). Vervolgens knoop je de gaaslap los en die spreid je op de bodem van het plantgat uit. Werk extra compost of potgrond door de uitgegraven grond en vul daar de ruimte rond de wortels weer mee op. Doe er ook maar een handje beender- of bloedmeel bij. Daarna de grond met de neus van je schoen steeds naar het hart van de plant gericht, rondom aantrappen. Er mogen geen 'luchtbellen' tussen grond en wortels overblijven. Om dat extra goed af te ronden geef je daarna flink water. Dat moet je trouwens de eerste maanden na het planten regelmatig blijven doen, want zo'n groenblijver verdampt veel water via zijn blad, terwijl de wortels op de nieuwe plek nog niet helemaal goed functioneren. Je moet hem dus de eerste tijd een beetje helpen.

TIP:Ook coniferen kun je nu prima planten. Doe het zoals hierboven voor de groenblijvers met kluit aangegeven.

Schoon de planten op
Als je de dode bloeistengels en het afgestorven blad nog niet bij de vaste planten hebt weggehaald, kun je dat nu ook doen. Doe wel voorzichtig. Beschadig de jonge groeineuzen die nu uit de grond komen niet. Het dode materiaal kan in de compostcontainer.
Start nu met plantuien

Plantuien telen
Plantuien zijn heel eenvoudig zelf te kweken. Ze groeien snel, verdragen goed lage temperatuur en hebben minder last van ziekten en insecten dan de zaaiui.

Hoe ga je te werk?
Uien vragen niet veel warmte. Daardoor zijn ze de ideale starters voor het nieuwe tuinseizoen. Plant ze vanaf begin maart. Goed pootgoed heeft een diameter van 2 cm. Dat is niet groot, maar de ui groeit dan ook krachtig. Voorwaarde is wel dat de grond wat zwaarder van structuur is, maar toch voldoende gedraineerd. Druk het pootgoed niet zomaar in de grond, maar werk de aarde 10 cm diep los en maak telkens een plantgaatje. Stop de bol vervolgens zijdelings goed in en druk de aarde vast. Zo voorkomt u dat hij zich uit de grond duwt bij het vormen van wortels, maar ook dat vogels op zoek naar lentegroen de ui gemakkelijk uit de grond trekken.

Plantuien bewaren
Plantuien kan je ettelijke maanden bewaren. Ze moeten dan wel opgeborgen worden in een koele en donkere ruimte. Verwijder het afgestorven loof en de bruine vliezen rond de ui niet, want deze beschermen de geoogste ui.

Bloeitakken op de vaas zetten
Het is erg leuk om wat takken te knippen van bomen en heesters die al heel vroeg in het jaar bloeien. Een van de beste voorbeelden is de Forsythia. Als je daar nu takken van knipt, zijn de bloemknoppen al zo ver ontwikkeld dat ze in de kamer op een vaas met water al snel verder zullen uitlopen. Zet ze in lauw water en snoei ze even schuin bij voor je ze in de vaas zet.
Meeldauw in rozen en op andere planten

Deze schimmelziekte wordt ook wel 'het wit' genoemd. Je herkent het aan een wittige poederlaag op de zachte delen en bladeren. Meeldauw komt vooral voor als de wind te weinig door de takken heen kan spelen, dus op erg beschutte plekken. Je zult met een geschikt fungicide moeten spuiten en dat een paar keer herhalen om er je planten vanaf te helpen. Er zijn verschillende merken bestrijdingsmiddelen, maar de werkzame stoffen verschillen niet zoveel. Volg de gebruiksaanwijzing zorgvuldig, berg het middel na gebruik veilig en buiten bereik van kinderen op, maak de spullen die je er eventueel bij hebt gebruikt, goed schoon en was daarna je handen en je gezicht.

Klimrozen aanbinden
De klimrozen vormen nu - als het goed is - nieuwe jonge takken die volgend jaar rijk kunnen bloeien. Wees er zuinig op en bind ze netjes aan. Leid ze eventueel al naar plekken waar je na de bloei oude takken wilt weghalen. Dan heb je meteen de groeivorm voor volgend jaar voorbereid. Ook bij de klimrozen kun je het beste uitgebloeide bloemen zo veel mogelijk verwijderen. Het scheelt echt in de bloeiduur.
Vogels voeren
Maak de voerplekken zo dat de vogels er gemakkelijk bij kunnen en zich veilig voelen. Ze moeten de directe omgeving vanaf die plek goed in de gaten kunnen houden. Zorg dat er geen schuilplaats voor katten op sprongafstand is. Als je droog zaad voert, knoeien de vogels daar vaak erg mee. Als je voerplek dan in de border of op het gazon staat, kunnen daar over een paar maanden plotseling allerlei onverwachte planten uit opschieten. Dat is uiteraard niet de bedoeling. Een voerplek op het terras of in ieder geval boven een stenig oppervlak is vaak beter. Geef liever geen droog brood. Dat is alleen maagvulling. Er zitten nauwelijks vitaminen in en daar hebben de vogels vooral grote behoefte aan. Die vitaminen gaan ze dan ergens anders halen. Grote kans dat dat over enige tijd de bloemknoppen van Forsythia zijn en de bloemen van vooral gele krokussen. Daar zitten erg veel vitaminen in. Koop vetbollen met zaden en hang die op of leg die neer. Als je zelf vetbollen wilt maken, gebruik dan nooit oud frituurvet. Daar zitten allerlei zouten in die giftig zijn voor vogels. Allen nieuw vet gebruiken dus. Geef ook geen losse gepelde pinda's die de vogels in één keer in hun bek kunnen nemen. Vooral jonge vogels kunnen in die gladde dingen stikken.
Start nu met zaaien onder glas

De vroege teelten kun je al binnenshuis of onder koud glas voorzaaien. In de serre of platte bak kun je nu alles klaarmaken (glas schoon maken, grond klaar leggen) om ze in de tweede helft van de maand in te zaaien.

In de tweede helft van februari kun je in de koude bak of in de serre een eerste keer typische voorjaarsgroenten zaaien, zoals snijsla, radijs, spinazie, vroege worteltjes, raapsteel en ook veldsla, en het voorzaaien van prei.

Vissen controleren op ziekteverschijnselen
Controleer de vissen zorgvuldig op eventuele ziekteverschijnselen. Watachtige plekken, zweren of schommelende bewegingen duiden op parasitaire aandoeningen. Voer de vissen nu spaarzaam, want de vissen worden met de stijgende watertemperatuur weer actief. Breng de vissen weer in topconditie met Biofit voorjaarskuur. Na de koude wintermaanden is de conditie sterk achteruit gegaan.
Uw vijver in april
Onderhouds adviezen
Als de werkzaamheden, zoals in maart zijn omschreven, nog niet zijn uitgevoerd, wordt het nu de hoogste tijd. Controleer goed op lekken buiten de vijver.

Waterplanten
Dit is de tijd om waterlelies aan te brengen en bestaande waterlelies van een nieuwe voedingsbodem te voorzien. Gebruik hiervoor Lelite. Voeg ijzervoeding toe met Ferro Plus. Moerasplanten kunt u nu vermeerderen en verpoten. Gebruik goede plantmanden en Pond Cultura.  Of poot ze eens in Floating Plant Island voor prachtig begroeide drijvende eilandjes in uw vijver.

Water
Eind april moet de filter en de pomp weer opgestart worden. Beslis zelf of u ervoor kiest de UV lamp ook aan te zetten. Niet alleen de planten beginnen goed te groeien, ook algengroei kan nu een probleem vormen. Een sterke draadalgengroei verhindert de groei van zuurstofplanten. Een kuur met All Clear, of eventueel het installeren van een T-flow is aan te bevelen om deze lastige algen onder controle te houden.

Vissen
Observeer de vissen goed en let op eventuele ziekteverschijnselen. Als er plekken en zweren aanwezig zijn, kan een badbehandeling met een medicijn uit de Velda apotheek nuttig zijn. Bij een watertemperatuur boven de 12°C kan er naar behoefte worden gevoerd. De vissen moeten weer op krachten komen.
Heesters snoeien
Je weet het: heesters die nu al uitgebloeid zijn kun je nu snoeien. De heesters die pas in de zomer of de herfst bloeien heb je al eerder gesnoeid als het goed is. Daar is het nu wat laat voor. Snoeien is nodig, zeker in een kleine tuin, om het formaat van de struiken een beetje redelijk te houden. Soorten als winterjasmijn (Jasminum nudiflorum), de forsythia en de ribes zijn nu dus aan de beurt. Kort ze zover in als je nodig lijkt, haal lastige takken weg en zorg dat het model van de planten mooi blijft.
Hulst snoeien
Aan een wat wild uitgroeiende hulststruik hoeft niet zoveel te gebeuren, maar als het om een haag gaat, of een mooi vormboompje - bijvoorbeeld een piramide - moet de vorm er natuurlijk wel inblijven. Snoei een hulststruik nooit met een heggenschaar. Je knipt dan veel blad half door en dat is geen mooi gezicht. Het zou nog niet eens zo erg zijn als de plant zich snel herstelde, maar bij hulst gaat dat heel langzaam. Voor zo'n struik moet je dus even de tijd nemen en heel netjes met een snoeischaar takje na takje inkorten. Dan krijg je een mooi resultaat.
Lathyrus bloeit door

Het is al eerder genoemd: van lathyrus moet je veel plukken. Hoe meer je plukt, des te rijker en langer bloeit hij

door. Je moet er ook de peulen afhalen, want de vorming van zaad gaat de bloei tegen. Geef de planten ook regelmatig wat mest.

Een deklaag over lelies
Lelies kun je het best tussen bodembedekkers planten. Als je dat doet, hebben ze 's winter prima bescherming en is de kans op vorstschade erg klein. De meeste leliebollen zijn behoorlijk winterhard. Laat ze dus maar lekker in de grond, maar groeien er geen bodembedekkers boven breng er dan een laagje (5 cm) compost, potgrond, ruwe turfmolm, boombastsnippers of iets dergelijks boven aan. Dan weet je zeker dat het goed gaat.
Walnoten oogsten
Vanaf oktober zijn walnoten rijp. Vaak worden ze uit de bomen geslagen omdat al eeuwen verteld wordt dat dat goed is voor de bomen. In Zuid-Europa doen ze dat altijd. Hoe meer er (met lange stokken) geslagen wordt, des te meer vrucht ze het volgende jaar zouden geven. Onzin! Het gebeurt alleen maar omdat het hout van een walnotenboom erg bros is en het dus levensgevaarlijk kan zijn om in de boom te klimmen en de vruchten te plukken. Raap de noten maar gewoon op als ze er vanzelf uitvallen.
Bijna niemand doet het, maar het is wel leuk
In juli en augustus worden door de rozentelers de rozen geoculeerd. Dat houdt in dat een stukje van een edele, bloeiende roos op een krachtig wortelende onderstam wordt geënt. Het allerleukst om zelf te doen is het enten op stam. Dan moet je bij een kweker onderstammen kopen die minimaal 1 m hoog of hoger zijn. Daarop worden dan rondom onder de top drie of vier 'ogen' geënt van een mooi bloeiend struik- of treurras dat je wilt vermeerderen. Dat doe je als volgt: kies van de edele roos een van de sterkste bloeiende scheuten. Snij die tak met de bovenste bloem en de drie daaronder zittende bladeren af. Gewoon de top wegnemen dus. Snij ook het ondereind met twee of drie bladeren weg. Haal van het overgebleven tussenstuk de stekels af en ook het blad, maar laat een stukje van de bladstelen zitten. In de oksels tussen de tak en die stukjes bladsteel zitten de ogen (knoppen) die je op de onderstam moet enten. Dat oog moet je met het stukje bladsteel van de tak lossnijden. Snij om het oog heen en zorg dat je er 1,5 cm onder uitkomt. Er komt een houtschilfertje mee dat je moet weghalen. Maak nu in de bast van de onderstam een insnede in T-vorm, pak je oogstek bij het stukje bladsteel vast en schuif het geheel in die T-opening. Doe er strak een elastiek omheen of bind het geheel met raffia dicht. Het moet helemaal luchtdicht aansluiten. Desnoods met was of paraffine afsluiten. Het oogje moet natuurlijk wel vrij blijven. Als de oculatie is gelukt valt het stukje bladsteel er na verloop van tijd af. Is het niet gelukt, dan wordt het geheel bruin en rimpelig.
Heb je bessen?
Misschien heb je een paar bessenstruiken staan. Daar kun je nu lekker van oogsten. Maar als je ook kruisbessen hebt, is het zeker aan te raden die regelmatig door te plukken en de hoeveelheid vruchten wat uit te dunnen. Je kunt van de onrijpe vruchten prima jam maken en de vruchten die overblijven rijpen veel mooier. Bovendien heb je meeldauw veel eerder in de gaten als je regelmatig plukt en kun je schade daarvan dus ook eerder voorkomen.
Onkruid beu? Gebruik boomschors!

Als u boomschors in een laag van 8 à 10cm dik aanbrengt op een onkruidvrije bodem dan bent u voor een lange periode vrij van onkruid. Bovendien houdt de boomschors uw bodem in de zomer ook nog langer vochtig. 's Winters worden uw wortels zelfs beter beschermd tegen strenge vorst door een laag boomschors.

Om te weten hoeveel schors u nodig heeft moet u weten dat u schors best 8 à 10cm dik legt. Als u nu de oppervlakte van het te bedekken stuk tuin berekent dan kan u dit door 10 delen (voor 10cm) en dan bekomt u de benodigde hoeveelheid in m³. bv.: 100 m² tuinborder delen door 10 = 10 m³ boomschors nodig
Gaat u de schors maar 8cm dik leggen dan deelt u de oppervlakte gewoon door 12.50 en bekomt u zo de benodigde hoeveelheid in m³.
Bij een laag van 8cm is de kans dat er nog af en toe een onkruidplantje door de boomschors groeit groter dan wanneer u 10cm legt.
Een laag van 8cm is wel voldoende als u in een streek zit met zware klei- of zandleemgrond. In zandgrond of humusrijke grond kiemt onkruid nog veel sneller dan in de zwaardere grond, vandaar dat wij hier 10cm aanbevelen.

Waterplanten verpoten
Als u waterplanten of waterlelies heeft, is het aan te raden deze te verpoten. Wat bodemsubstraat in een plantenzak en de Lelies groeien weer goed. Nu de waterplanten (en algen), weer beginnen uit te lopen, is het zaak de afgestorven plantendelen van het vorige jaar te verwijderen. Om algengroei in april/mei te voorkomen is het verstandig om nu al het UV-C filter te installeren. Vervang daarbij wel de oude UV lamp.
Start nu met het voorkiemen van pootaardappelen
Je eigen aardappelen telen is heel eenvoudig. Wij hebben een ruime keuze pootaardappelen. Zet de pootaardappelen inkiembakjes of eierdozen met het stompe eind ‑ waar de ogen zitten ‑ omhoog. Zet ze neer op een droge, lichte en vorstvrije plek (eventueel eerst binnen in een onverwarmde ruimte), maar niet in direct zonlicht of in de warmte. Na 4‑5 weken zullen de ogen spruiten van 6‑12 mm lengte hebben. Dit laten voorkiemen is bedoeld om de groei met enkele weken zonder kans op vorst te verlengen en is het best voor vroege en zeer vroege aardappels. Voor latere rassen is het minder noodzakelijk vanwege het langere groeiseizoen.
 
Aardappels kweek je door aardappels met uitlopers in de grond te zetten. De uitlopers zijn het begin van een nieuwe plant. Wanneer je de uitgelopen aardappel met aarde bedekt en water geeft, groeit hij vanzelf naar het licht. De aardappelplant krijgt een stam en kleine witte bloemetjes met een geel hartje. De bladeren, vruchtjes en de stam van de plant zijn oneetbaar en zeer giftig.
Tijd voor tweejarige planten
Ze zijn een beetje vergeten, de tweejarige planten en dat is jammer. Als je een licht beschaduwd stukje grond overhebt, kun je nu tweejarige primula's, vergeet-me-nieten, duizendschonen, muurbloemen, vingerhoedskruid, judaspenning en - niet te vergeten - stokrozen zaaien. Dan vormen ze dit jaar blad. In het najaar kun je ze op hun definitieve plek zetten en volgend jaar zullen ze bloeien! Houd de zaaibedjes na het inzaaien regelmatig vochtig.
Water geven

De planten in de tuin hebben heel verschillende waterbehoeften. Vooral bij wat langer durende droogte is dat goed te merken. Je zorgt het beste voor je planten als je regelmatig sproeit en planten in potten water geeft. Laat ze niet uitdrogen. Geef liever minder vaak maar veel ineens, dan vaak kleine beetjes water. In het laatste geval kan het water niet echt tot de wortels in de grond doordringen en de planten zullen als reactie minder diep gaan wortelen. Daardoor verdrogen ze weer eerder enz. Geef bij tuinplanten per sproeibeurt gemiddeld 20 liter water per vierkante meter. Bomen en groenblijvende planten verdampen nu erg veel water en hebben vaak nog meer nodig.

Vergeet ook je grasveld niet. Je kunt het beste 's morgens vroeg of 's avonds sproeien, dan is de verdamping aan de lucht minder en verspil je dus minder water. Als je vaak weg bent, is het misschien verstandig om een automatische sproei- of watergeefinstallatie te overwegen. Er zijn ook systemen voor planten in potten. Dat scheelt een hoop werk en je hoeft je geen zorgen te maken over verdroging van je planten. In de meeste gevallen heb je wel een buitenkraan nodig.

Aardappelen uit eigen tuin
De boer plant zijn aardappelen tijdens de maand april. Vanaf dan kan hij er zeker van zijn dat het niet hard meer zal vriezen. Aardappelen die binnen kunnen groeien (vb. op de vensterbank) mogen ook al in maart geplant worden. Hoe vroeger je plant, hoe groter de kans dat je nog voor de grote vakantie nieuwe aardappelen hebt.
Ook bij eenjarige planten

Om precies dezelfde reden als bij rozen kun je ook bij eenjarige planten - de zomerbloeiers die je o.a. in potten en bakken hebt staan - het beste de uitgebloeide bloemen wegnemen. Ook die planten bloeien dan veel rijker door.

Pruimen
Dit is de maand om pruimen te plukken. Je moet alleen rijpe vruchten oogsten. Pruimen rijpen op de schaal niet na. Haal ook alle rotte vruchten weg. Die tasten het goede fruit aan. Je kunt pruimenbomen nu ook snoeien. Maar snoei nooit zware takken weg, allen dunne twijgen inkorten. Als je zware takken afzaagt is de kans op de dodelijke loodglansziekte heel groot. Een pruimenboom, maar ook een kersenboom en perzikstruiken, moet je dus vanaf het begin goed bijhouden. Later corrigeren lukt vaak niet goed meer.
Niet-winterharde potten binnen zetten
Vooral veel goedkope, vrij zacht gebakken terracotta potten vriezen gemakkelijk stuk. Ze barsten gewoon. Maak ze leeg en berg ze droog op. Ook keramiek potten zijn lang niet allemaal even winterhard. Metalen emmers, teiltjes enz. isoleren totaal niet. Planten die daarin staan bevriezen extra snel. Maar ook daarbij helpt voeren met noppenfolie.
Zet winterplanten in je bloembakken
De zomerbloeiers in je potten en bakken hebben het nu wel gehad. Doe ze weg, maar ruim je bakken niet op. Je kunt er de hele winter door plezier van hebben als je ze nu beplant met groenblijvende en winterbloeiende planten als parelbes (Pernettya), Hebe, Skimmia, kleinbladige klimop, bonte Euonymus fortunei, bonte Elaeagnus, winterhei, maagdenpalm, dwergconifeertjes, noem maar op. Er is verschrikkelijk veel moois dat ook in de winter kleur aan je tuin, terras of balkon kan geven. Plant er ook wat kleine voorjaarsbloeiende bollen en knollen bij (tulpjes, krokussen, narcissen enz.). Dan heb je nu al gezorgd dat het ook in het vroege voorjaar een mooi plaatje oplevert. Gebruik verse potgrond om in te planten, zorg voor goede drainage in de bakken en isoleer de bakken. Hoe? Heel eenvoudig: voer de bakken met noppenfolie. Dat isoleert geweldig. Zorg wel dat de drainagegaten onderin de bak open blijven. Een teveel aan water moet weg kunnen!
Heb je tomaten in de tuin?
Haal daar nu de toppen maar uit. Vruchttrossen die zich nu nog moeten ontwikkelen worden toch niet meer rijp. Wat er al aan zit wel. Als de planten te vol blad zitten om de vruchten goed in de zon te laten rijpen, kun je ook een deel van dat blad wegbreken. De onderste bladeren hoe je alleen maar weg te halen als die rot vertonen.
Hagen knippen
Als je dat rond de langste dag nog niet hebt gedaan - dat is traditioneel de tijd om hagen te knippen - kun je dat nu ook nog heel goed doen. De meeste haagplanten zitten nu in hun tweede groeigolf van het jaar - de eerste valt in het voorjaar - en dus zullen ze zich goed van de snoeiingreep herstellen. Vooral een ligusterhaag kan nu wel weer een snoeibeurt gebruiken. Knip vrij kort, dan blijft het geheel het mooist. Door vaak te knippen wordt een haag ook dichter. Dat is logisch, want je dwingt de plant zich sterker te vertakken. Houd wel de juiste vorm in de gaten. Als je de kanten van een haag een beetje schuin maakt, valt het licht er overal goed op en blijft hij ook onderaan mooi gesloten.
Aardappelen telen is voor iedereen haalbaar
Start nu met het voorkiemen van pootaardappelen! Voorkiemen is belangrijk om een groeivoorsprong tot 2 weken en hogere opbrengst te halen. Leg de pootaardappelen in bakjes op een goed verlichte plaats en laat het pootgoed 1 tot 2cm kiemen maken. Bij ons vind je een uitgebreide keuze pootaardappelen!
Nieuwe vissen in de vijver plaatsen

Juni is de ideale maand om nieuwe vissen in de vijver uit te zetten. Het water is al wat opgewarmd en de vissen acclimatiseren snel.

Wat betreft transport de vissen liefst in het donker transporteren. Zo kalm mogelijk. Daarom wordt de opgeblazen zak met vissen best in een doos gelegd die men op de achterbank zet, beschermd tegen de zonnestralen. De temperatuur blijft zo stabiel mogelijk.
Aangekomen op de bestemming bij de vijver legt men de gesloten zak gedurende 20 minuten in de schaduw in het water van de vijver. Vervolgens laat men 50% van het water uit de zak weglopen en vervangt dit door water uit de vijver. Men wacht nog 5 minuten. Nu worden de vissen vrijgelaten; ze verlaten de transportzak in kalmte.
Belangrijk! Als er al vissen in de vijver aanwezig zijn is het aanbevolen de nieuwkomers eerst in quarantaine te plaatsen om ze te kunnen observeren en preventief te behandelen.

Teveel kruiden gezaaid? Oogst nu je kruiden en droog ze om te bewaren
Droog kruiden met een lange stengel of lange bladeren door ze in bundeltjes van 3 of 4 te verzamelen. Bind de stengels bij elkaar met een touwtje en hang ze ondersteboven in een warme, droge en goed geventileerde ruimte. Vermijd ook hier direct zonlicht. Deze kruiden worden minstens een 2-tal weken gedroogd. Je kan testen of de kruiden klaar zijn voor gebruik door ze te wrijven tussen duim en vinger.
Augustus is een dauwmaand
Vooral 's ochtends kan het behoorlijk nat zijn in de tuin van de dauw. Dat is ook een ideale omstandigheid voor schimmels die op de natte plantendelen maar al te graag toeslaan. Houd ze in de gaten en doe er wat aan als ze massaal lijken te gaan optreden. Met de voor particulieren toegelaten fungiciden kun je de meeste schimmels wel de baas. Haal in ieder geval ook het afgemaaide gras van het gazon, want dat kan nu ook sneller gaan schimmelen dan in de vorige maand. Heb je een compostcontainer, gooi het maaisel daar dan goed verdeeld in. Dus niet alles ineens als een dikke koek, maar in dunne laagjes met ander tuinafval ertussen. Strooi er ook wat kalk bij. Dat bevordert het verteringsproces.
Bescherm kranen tegen de vorst

Denk er aan om, voor de vorst invalt, buitenkranen af te sluiten en de leidingen leeg te laten lopen. Op deze manier kunnen de leidingen niet kapot vriezen.

Gras maaien
Gras groeit door tot de temperatuur onder 6 °C zakt. Zolang het groeit zul je ook moeten maaien. Maar maai nu niet te kort: siergras op 3 cm, speelgazon op 4 cm.
Gazon voor de laatste keer mesten
Deze maand mag je het gazon voor de laatste keer stikstofrijke mest geven die de bladvorming aanjaagt. Na augustus moet het gras rijpen en wat minder sappig worden om beter de winter in te kunnen. Dan mag (in de herfst) alleen nog speciale najaarsmest voor het gazon gegeven worden die niet de blad- maar de wortelvorming bevordert. Het maaien gaat natuurlijk wel gewoon door. Het gras kan nog behoorlijk groeien. In deze maand kunnen ook de onkruiden in het gras nog welig tieren. Haal die ook zoveel mogelijk weg.
Riddersporen verplanten
De meeste riddersporen (Delphinium) hebben hun bloeitijd nu wel gehad. Alleen als de uitgebloeide bloemen al eerder en regelmatig zijn weggenomen, kunnen de planten voor de tweede keer gaan bloeien. Als dat weghalen nu nog zou moeten, lukt die bloei niet meer. Wat nu wel kan, is het delen en verplanten van de uitgebloeide exemplaren. Dan hebben ze voor de winter nog royaal de tijd om weer goed aan te slaan. Doe dat in ieder geval als ze al vier of vijf jaar op dezelfde plek hebben gestaan. Ze hebben de grond op die plek dan aardig uitgemergeld. Rooi de pollen op, gooi het oude middenstuk van de pol weg en plant de jonge randdelen opnieuw in. Zorg dat de grond op de nieuwe plantplek goed is verrijkt met organisch materiaal en flink wat meststof. Riddersporen zijn hongerhalzen.
Onderhoudklusjes
Augustus is bovendien en uitstekende maand om allerlei onderhoudsklusjes in de tuin te doen. Bijvoorbeeld schilderwerk als dat nodig is, reparatie van schuurdaken, hekjes, sluitingen enz. Veel plezier. Buitenwerk is altijd lekker.