Aanleggen van een gazon

< Terug naar index 'Tips voor een Fris Gazon'

Gras groeit het beste op een goede, vruchtbare grond die qua samenstelling niet te vast en niet te los is. Bereid de grond daarom goed voor. Alvorens de grond om te spitten, onkruid verwijderen. Gebruik hiervoor eventueel een sproeimiddel zonder nawerking.

De grond +/- 30cm diep omspitten. Er goed op letten dat de oude zode goed onderaan de grondkluit zit. Stenen en wortels verwijderen. De grond een paar weken laten braak liggen en laten nazakken. Schoffel opkomend onkruid regelmatig weg. Het is belangrijk dat er geen kiemen en plantjes zijn, die tot onkruid of mos zouden uitgroeien. Eventueel turf in de bodemlaag toevoegen. De grond ruw egaliseren en gazonmeststof gelijkmatig in de toplaag vermengen. Vervolgens aandrukken met de tuinwals bij droog weer. Voorkom putten en bulten. De grond goed fijn en zorgvuldig gelijkmaken met de hark, alvorens te zaaien.



Inzaai

Een gazon mag gezaaid worden vanaf maart-april tot en met oktober. Om zeker te zijn van een goede verdeling zaait u het gazon in twee keer. De tweede keer zaait u haaks op de looprichting van de eerste keer. TIP: Voor een gelijkmatige verdeling gebruikt u best een strooiwagen.
Daarna de zaden lichtjes inharken (1 à 2cm diep) en de grond licht aanrollen om het zaad goed in contact te brengen met de grond. Als het binnen een paar dagen niet regent, dan kunt u beter zorgvuldig sproeien met een fijne sproeien. Droogt de bovenste grondlaag uit, dan mislukt de kieming of sterven de jonge scheuten af.

Eerste maaibeurt

Het is raadzaam het gazon enkele dagen voor de eerste maaibeurt te rollen, zo zet u de wortels vast. Maai de eerste maal als het gazon + 8cm is. Doe dit me een grasmaaier met perfect geslepen messen. Stel de hoogte in op +/- 4cm. Maai nadien het gazon veelvuldig, maar niet korter dan 1/3 van de totale hoogte en nooit korter dan 2.5cm.
 
     
 








 

© Vijver- en Tuincentrum Pelckmans 2008 (Lommel - Merksplas)